2 dec. 2008

Evaluïtis

In de weekendbijlage van de NRC stonden twee artikelen over het evalueren van wetenschappers, en meer in het bijzonder over het gebruik van citatiemetingen. Het eerste artikel getiteld: “Gaat de wetenschap ten onder aan de beoordeelziekte evaluïtis? Selecteer alleen de beste wetenschappers , en geef hun alle vertrouwen” is een bijdrage van Bruno S. Frey en Margit Osterloh. Vlgs NRC een bewerking van hun hoofdstuk uit het boek: ‘If youre so smart, why arent you rich? Universiteit, markt & management’ dat binnenkort bij Boom verschijnt.
Eigenlijk zegt de titel al alles: de wetenschappers staan onder druk, en onder druk kom je niet tot creatieve ontdekkingen. Daarom is het beter die druk, die evaluatie-druk, weg te nemen. Je evalueert dan bij aanstelling van bijv. een hoogleraar en laat hem zelf verder met rust, zodat hij(of zij natuurlijk) in alle rust zijn briljante ideeënkan uitwerken.
In een reactie daarop schrijf Ton van Raan van CWTS: ‘Klinkt aardig, maar zonder evaluaties is zo'n selectie onmogelijk: Met dank aan evaluaties is aan de universiteiten veel dor hout weggekapt. Maar het evalueren gaat door, wegens het gebrek aan geld ...”.
En zegt hij de enkele geniale wetenschapper wordt met of zonder evaluaties wellicht toch niet her- en erkend, dan pas veel later. Hij noemt daar het voorbeeld van Semmelweis, voor wie erkenning erg lang op zich liet wachten.
Het is wel weer een aardige discussie, want citatierapporten en evaluaties roepen inderdaad altijd veel emoties op. Buiten dat men zo hoog mogelijk wil scoren, is er ook veel kritiek op het systeem van citatiescores, zowel van de citatiescore voor de tijdschriften (impactfactoren) als de citatiescore voor wetenschappers (h-index).
Persoonlijk vind ik het een moeilijke kwestie, vooral als je ziet en hoort dat de competitie bij bijvoorbeeld het binnenhalen van beurzen en subsidies zo groot is. Eigenlijk vereist dat toch een speciale fondsenwervers-competentie. En dat hoeft niet noodzakelijkerwijs samen te gaan met een goed onderzoeker. Maar een beetje meer vertrouwen mag van mij best.

Aanvulling dec 4: wederom in de NRC las ik gisteren, onafhankelijk van bovenstaand verhaal, het bericht dat de competitie onder wetenschappers harder gaat worden. Er wordt minder 'algemene'subsidie verstrekt aan universiteiten voor onderzoek wat de zittende onderzoekers voor hun rekening kunnen nemen, maar er wordt meer geld beschikbaar gesteld voor onderzoek dat verdeeld gaat worden via NWO. Onderzoekers kunnen strijden om (een deel van) dat geld. Ongetwijfeld zal toekenning daarvan voor een deel gebaseerd zijn op citatiescores. Frey & Osterloh blijven roepende in een score-woestijn.

Geen opmerkingen: