22 feb. 2008

Openingssymposium Forum Bibliotheek Wageningen

Onder de noemer: “Rethinking the library” werd gisteren in het Forumgebouw in Wageningen de nieuwe Universiteitsbibliotheek aan vakgenoten voorgesteld.

De informatieve, gezellige en goed georganiseerde dag eindigde met een praatje van de architect (Wintermans), die in een leuke presentatie in het kort aangaf hoe hij tot het ontwerp gekomen was: als een stadje, een kasteeltje midden in een park, het oogt als een monoliet, maar als je binnenkomt ben je toch buiten. We kregen bij het uitschrijven allemaal nog een boekje mee ook, waarin het gebouw beschreven is.
Ik was wel erg blij met zijn uitleg over de “naked technology”. Hij liet een plaatje zien van een Harley Davidson als voorbeeld. Alle technologie, alle kabels en apparaten zijn zichtbaar en bereikbaar. En zo ook in het gebouw. Ik vind het niet mooi, maar met zo’n uitleg is het toch acceptabeler.
We kregen ook een rondleiding en dan is het toch wel mooi, die ronde vorm in het midden, de ruimte en het licht, en het trappenhuis in het atrium.


De dag was goed ingedeeld. Het begon, na opening door de bibliothecaris met een overzicht van de geschiedenis van de digitale bibliotheek. Wonderlijk te bedenken dat, hoewel ze al in 1980 de catalogus geautomatiseerd was, er nog tien jaar lang alleen door bibliothecarissen in kon worden gezocht. Hoe het begon met Agralin, maar hoe dat later weer uit beeld verdween en zich meer richtte op de Wageningse bibliotheken zelf.
Ook heel mooi vormgegeven op de Tijdlijn Inventing the library. We kregen een CD ROM mee, maar het is ook online te bekijken. Erg leuk.

In zijn technisch praatje liet Peter van Boheemen zien dat je niet om XML heen kan. Zij hebben het hele Bibliotheek Content Management Systeem in een XML database ondergebracht en met behulp van verschillende XSLT stylesheets kun je dan verschillende ‘views’ maken met geselecteerde informatie.

Meer moeite had ik met de bewegwijzering. Tot 2x toe liep ik in de herenwc. Ik moet nodig op een cursus iconen leren lezen:).

De bibliothecaris van de National Agricultural Library uit de VS hield een inspirerend praatje over e-science en transformatie van de kennis-diensten. Hij sprak liever niet over ‘e’ zei hij, maar over digitaal, maar d-science klinkt ook zo vreemd. Kernwoorden uit zijn betoog zijn: personal learning landscape, content is king, metadata over je gebruikers, team-based, multi- en interdisciplinair. En natuurlijk 2.0 communities, twine, en library thing.

Na de goed verzorgde lunch (lekker brood!) kwam Leo Waaijers aan het woord over open access. Prikkelend als altijd noemde hij impactologie: het geloof in impactfactors als indicator van kwaliteit, een religieuze op niets gebaseerde overtuiging. Hij eindigde met een uitdaging aan de WUR om een aanbesteding te doen uitgaan voor een organisatie die het zo zou regelen dat alle publicaties van de WUR door peers gereviewed worden en vervolgens de goedgekeurde worden opgenomen in een WUR repository. Uiteraard konden de auteurs daarna het artikel nog laten publiceren in een tijdschrift van hun keuze. Het is de organisatie van het peer preview waar de macht nu van de uitgevers ligt. Vond ik een eye-opener!
Wouter Gerritsma beschreef de rol van de bibliotheek bij onderzoeksevaluatie door citatie-analyse. Het bepalen van de relatieve impact aan de hand van de Essential Indicators. Blijft interessante materie.

Het symposium was druk bezocht en zo kon in de wandelgang aardig wat genetwerkt worden.
Een geslaagde opening!

21 feb. 2008

Metis en Eprints

Metis en Eprints

Weer een stapje verder op weg naar de implementatie van Metis,
Bij ons willen we Metis op 2 manieren gebruiken: verplicht voor de administratieve rapportage: outputstatistieken, die je eruit kan krijgen, en gewild om het samen met Eprints als repository te gebruiken.
Dat is natuurlijk een beetje hinken op twee gedachten, maar het is ook van de nood (=plicht) een deugd maken.
De eerste test: omzetten van onze registratie in Endnote in Metis is geslaagd (inlezen via RIS-formaat) en we hebben ook al de kale versie gezien van de Eprints software.
Je kunt daar ook rechtstreeks een publicatie uploaden en van metadata voorzien. Maar onze bedoeling is om dat via Metis te koppelen. Dan slaan we twee vliegen in een klap.
Verder met testen, want het lastigst lijkt nog het juist opnemen van de auteursnaam en dat gekoppeld aan de juiste afdeling.

19 feb. 2008

Over wetenschappelijk onderzoek

En dan gaat het ineens over de wetenschappelijkheid van onderzoek. Zijn er procedures/ protocollen. Het blijkt dat er wel een klachtencommissie is, die klachten over wetenschappelijk wangedrag onderzoekt: het LOWI: Landelijk orgaan Wetenschappelijke Integriteit. Het is een adviesorgaan bij de KNAW, maar neemt klachten in behandeling van alle Nederlandse onderzoeken. Er is ook een brochure (80 p.) geschreven: “Wetenschappelijk onderzoek: dilemma’s en verleidingen”die het normbesef bij jonge onderzoekers moet helpen ontwikkelingen. Het is wel een informatief rapport dat in 7 hoofdstukken (plus een remedie en slothoofdstuk) een beschrijving geeft van de valkuilen die voor een onderzoeker tot wetenschappelijk wangedrag kunnen leiden. Over het algemeen wordt publicatiedruk en gedreven wel als oorzaak genoemd, naast uiteraard de oprechte bedoeling om te frauderen. Maar toch komt het erg weinig voor: in de inleiding haalt de auteur gegevens aan van het Amerikaanse Office of Research Integrity: in de jaren negentig zou het gaan om ongeveer 20 gevallen in de gehele VS in alle wetenschapsgebieden.
Dit Nederlandstalig rapport is gebaseerd op de Amerikaanse: “On being a scientist: responsible conduct in research" uit 1995.
‘Voorop staan de professionele kwaliteit van wetenschappelijk onderzoek en de wetenschappelijke integriteit van onderzoekers “.
De zeven hoofdstukken bevatten de algemene thema’s”
- vertrouwen, bedrog en zelfbedrog
- zorgvuldigheid en nalatigheid
- volledigheid en selectiviteit
- concurrentie en collegialiteit
- publiceren, auteurschap en geheimhouding
- onderzoek in opdracht
- publiciteit en media
Er staan interessante observaties in: een van de basisfouten blijft toch voornamelijk slordigheid. Het is aardig geïllustreerd met cartoons van Sydney Harris, en grappig genoeg als ik in zijn Cartoon Gallery wil kijken op internet is het eerste plaatje –‘Then a miracle occurs’- meteen een van de plaatjes die ik het leukst vind.
Het gaat over interpreteren, over verzwijgen van onwelkome gegevens, over slordigheidjes, over aftroeven, maar ook over echte fraude en bijv. de relatie met de industrie.
In de Nederlandse Gedragscode Wetenschapsbeoefening van de VNSU worden vier waarden onderscheiden:
- zorgvuldigheid
- betrouwbaarheid
- controleerbaarheid
- onpartijdigheid
- onafhankelijkheid
Het blijft interessante materie, en toch niet allemaal zo eenduidig als het lijkt.

18 feb. 2008

Fietsen langs t Gein

Vanochtend op de fiets naar Nieuwersluis.
Ik ga dan altijd met de Wilhelminabrug (fietsbrug) over de rivier Het Gein.
Daarachter ligt een tolhuis. Ik zag vanochtend dat het te koop staat.
Over dit huis “ De Vink” schreven we op onze wandelingensite:

“Er ligt een tolhuis aan het water, waar tot 1967 tol werd geheven, dit heet nu 'De Vink' en is een particuliere woning geworden. Het bordje met toltarieven is nog te zien op het hek. Vlakbij het tolhek stond een zomerhuisje, dat tot 1905 in gebruik was bij een groepje kunstenaars w.o. Piet Mondriaan. De Vink was tevens een uitspanning, waar Nescio over schreef: "De wereld is weer groen. Het is weer een dag in mei en we zitten aan de Vink bij de waterkant en drinken koffie natuurlijk, altijd dronken we koffie..." (Insula Dei opgenomen in de bundel Boven het Dal, 1942)”
Een historisch pand dus, idyllisch gelegen aan het water.
Van daar fiets ik via de Velterlaan naar Fort Nigtevecht aan het Amsterdam-Rijn-Kanaal. De knotwilgen langs de kant – ik let altijd op of ik een steenuiltje zie (2x al!) – hadden berijpte takken, en het geheel oogde fantastisch.
Ondanks het goede advies om met de enkels te bewegen, en ondanks 2 paar sokken toch nog koude voeten gekregen. Verder een heerlijke fietstocht!

13 feb. 2008

De toekomst van het wetenschappelijke artikel (2)

Op 1 oktober schreef ik een log over het wetenschappelijke artikel.
De conclusie daaruit moet zijn dat het blijft zoals het was: ook in elektronische uitgave blijft de vorm van een wetenschappelijk tijdschrift ‘gewoon’ zoals het altijd al was. Een elektronisch tijdschriftartikel ziet er net zo uit als een tijdschriftartikel in print eruit ziet, hooguit met een paar links in de referentie-lijst.
Maar kan het dan wel anders?
Eind vorige eeuw heb ik het doctoraalprogramma ‘ Informatiewetenschap’ gevolgd aan de UvA en tijdens het vak ‘Informatielogistiek’ kregen wij college van Joost Kircz, destijds onderzoeker aan de UvA. Hij stond voor een nieuwe manier van publiceren, modulair. Op Internet vond ik nog een project van hem dat een tijdlang bij de UvA heeft gedraaid die zich bezighield met de vernieuwing van het elektronisch publiceren: ‘Communication in physics’ . Er is nog wel een website van en aan de publicatiedata van de papers kun je afleiden dat het van 1995 tot 2000 gelopen heeft.
Er is zelfs iemand op gepromoveerd: Frédérique Harmsze met het proefschrift: “A modular structure for scientific articles in an electronic environment” . Eigenlijk is dat toch wel erg interessant.
Het gaat erover dat je een wetenschappelijk artikel meestal in duidelijk onderscheiden eenheden kunt opdelen: metadata, abstract, inleiding, hypothese, methodologie, resultaten, discussie, conclusie, referentie. Als je al die elementen in zelfstandige modules zou publiceren, zou je die op verschillende manieren kunnen combineren. Daarbij is het van belang te integriteit van de afzonderlijke modules te waarborgen. Als je dat lukt, kun je uiteindelijk komen tot ene soort ‘knowledge base’ in plaats van tot een verzameling wetenschappelijke artikelen. Carlo Marcondes schetste in de Conference on Electronic Publishing (“From Scientific Communication To Public Knowledge: The Scientific Article Web Published As A Knowledge Base”) hoe je m.b.v. XML en aangepaste XML vormen zo’n knowledge base zou kunnen opzetten. Jammer dat er verder nog net veel vorm aan gegeven is. Als je in Web of Science zoekt naar artikelen die deze artikelen en dit proefschrift citeren dan kom je eigenlijk alleen uit bij een aantal experimenten uit de chemische hoek die proberen de artikelen wat meer nog te structureren.
Zou bij ons ook mogelijk moeten zijn, want zeker bij bijv. het microbiologisch onderzoek zijn de artikelen die een nieuwe bacterie beschrijven alleen maar daarvoor van belang.

7 feb. 2008

Presentatie WoS en RSS

Deze en afgelopen week heb ik op de drie NIOO centra een presentatie gegeven. En wel in de vorm van een lunch talk. Met als onderwerp: de Update van Web of Science, Personalisering in Web of Science, Saved searches en Alerts en Alerts via RSS.
Daarna nog een klein inleidinkje in RSS, wat het is en wat het doet.
Er was veel belangstelling voor (20,35,30 mensen), meer voor Web of Science als voor RSS.
Iedereen, op welgeteld 2 personen na gebruikt Web of Science regelmatig zo niet vaak!
Maar RSS is een heel ander verhaal. In totaal waren er drie personen die RSS feeds lezen
De ontvangst is wisselend. Sommigen (ongeveerde eenderde) hadden wel eens een e-mailalert aangevraagd. Sommigen zagen wel zeker het nut van RSS (bijv: “ Ik heb nooit e-mail alerts op de e-TOC’s gevraagd, juist omdat ik me dan bij iedere uitgever moet registreren”), maar andere zagen het nut niet zo( bijv: “Er is geen tijd voor het lezen van al die RSS feeds, mensen moeten experimenten doen”.)
Uiteindelijk is het uitgebreid onder de aandacht gekomen, maar ik denk dat het nog wel wat zal duren voor dat het echt ingang vind.
De Youtube video "RSS in plain English" vind ik erg informatief.

Nieuwe versie Web of Science (2)

Maandag was het plotseling een feit en was de ‘oude’ Web of Science (WoS) versie afgesloten en de nieuwe in de lucht.
Al eerder schreef ik over de nieuwe versie.
Wat is het verschil: het allergrootste verschil is dat de databases binnen Web of Knowledge geïntegreerd doorzocht kunnen worden (en niet meer als federated (zeg maar: metasearch)). Maar helaas hebben wij alleen maar Web of Science en geen van de andere databases.
Dus dat is voor ons verder niet interessant.
Verder zijn er de volgende aanpassingen:
- flexibele veld search, waarbij je zelf het veld kunt kiezen uit een uitklapmenu
- naast de Booleaanse AND en OR standaard nu ook de NOT
- naast velden met een index verschijnt een ‘vergrootglas’icoontje als ‘search aid’
- zoeken op “publication name”, refinen op “source title” terwijl ze in beide gevallen tijdschrifttitel bedoelen
- output bar is onder aan het scherm
- refine is als een heuse zijbalk in het resultaatscherm opgenomen
- exclude bij refine is niet meer mogelijk
- in een resultaatveld kun je een record niet openklikken met de rechtermuisknop in een ander tabblad
- researcherID, hoewel pas net geïntroduceerd wordt in zijbalk gelinkt
- de markup list is terug en zelfd verbeterd!


Dit is wat ik voorlopig als veranderingen zie, waarbij ik ernstig baal van de ontbrekende ‘exclude’ bij refine, en van het niet meer mogelijk zijn van het openen in een ander tabblad van een link.
Een ander probleem, wat ik al had in de ‘oude’ versie en geen verbetering heeft opgeleverd is het feit dat je na een refine het resultaat niet kunt bewaren.
Als work-around adviseer ik nu om het resultaat uit te voeren naar Endnoteweb en binnen Endnoteweb dan verder te zoeken.