26 dec. 2010

eDGe Dualbook


De e-readers die nu verkrijgbaar zijn voldoen prima om romans mee te lezen. Of anders gezegd voor ‘gewoon’ platte tekst. Dan is het zelfs wel handig, want je kunt een flink aantal boeken meenemen zonder extra gewicht te hoeven meesjouwen.
Een probleem voor e-readers is het lezen van rapporten en wetenschappelijke artikelen, die als pdf worden aangeboden. PDF is per definitie een printformaat en uitstekend geschikt om op een formaat A4 te lezen. De schermen van de e-readers zijn doorgaans te klein om dat leesbaar te maken.
Voor rapporten heb ik wel geprobeerd om het pdf-formaat om te zetten in epub-formaat. Dat lukt ook wel maar het resultaat is allerminst lekker leesbaar: kopjes en leads staan dwars door de tekst, tabellen en grafieken zijn ontwricht.
De iPad leekt de oplossing. PDF is goed leesbaar en kan heel gemakkelijk op het touchscreen worden aangepast. Er zijn zelfs annotatie apps, zelfs gratis zoals SmartNote Free waarmee je aantekeningen kunt maken in de pdf. De iPad leest evenwel niet prettig (lcd-scherm), althans niet langdurig en het manipuleren van bestanden d.m.v. iTunes is lastig om niet te zeggen gebruiksonvriendelijk.

Daarom was is ook blij verrast een apparaat te vinden die de voordelen van een e-reader (comfortabel lezen) combineert met die van een tablet. En wel de enTourage eDGe dualbook: e-reader en Android-tablet in één.
Bij de ereaderstore heb ik er een aangeschaft voor in de bibliotheek.

De eDGe heeft rechts een e-readerscherm, waarin de teksten op een e-ink scherm opkomen: in zwart-wit dus. In het e-readerscherm zit een uitgebreide annotatiemogelijkheid. Met de stylus kun je highlighten en aantekeningen maken. De pdf kun je later weer ‘schoon’ of met aantekeningen te voorschijn halen en zelfs converteren naar een nieuwe pdf op het rechter tablet-scherm in kleur.
De rechterkant is de tablet-kant met een lcd, touchscreen. Deze tablet-kant werkt onder een Android besturingssysteem. Helaas kun je niet zomaar alle Android applicaties downloaden, en de eigen eDGe app-market bevat nog slechts 67 apps. Maar daar wordt aan gewerkt aldus de berichten. Een aantal basis apps zijn al toegevoegd, zoals een ‘documents-to-go’ voor het maken en lezen van office-documenten/sheets,presentaties
Het werkt wel bijzonder: je roept je library op in het rechter-tablet-scherm en je kiest voor het openen van een pdf bijvoorbeeld. Die wordt dan geopend in het linker –ereaderscherm.
Pdf lezen en annoteren gaat echt geweldig. Als je rustig wilt lezen vouw je hem helemaal dubbel zodat je alleen de e-readerszijde boven hebt.
Ondertussen kun je een muziekje afspelen.
Op de tabletzijde kun je browsen op het internet via een wifi-verbinding.
Minder tevreden ben ik over het virtueel toetsenbord in de tabletzijde. Hoewel je die toetsen formeel met je vingers kunt bedienen, lijken ze wel aan elkaar gekleefd. Zo lukt het me haast niet om in een keer de backspace toetst te bedienen, er zitten altijd wel wat l of m letters tussen.
Wel fijn is de connectie met de pc: zonder problemen kan ik bestanden toevoegen en beheren.

22 nov. 2010

5e OnderzoeksdataForum

Jl Donderdag 81 november was al weer de 5e bijeenkomst (+1 voorbereidende) van het OnderzoeksdataForum. Over de vorige heb ik in deze weblog bericht. Maar als officieel Surf Project staat er ook informatie over op de Surffoundation site onder het kopje 'Toegang tot Onderzoeksdata'.
Recentelijk is er ook een LinkedIn Groep opgericht.

Deze keer worden een aantal onderzoeken gepresenteerd over het collectioneren van data.
Paul Rutten presenteert het onderzoek gehouden 'Data Curation in Arts and Media Research'
Rutten heeft het over het wetenschappelijk publiceren, de publicatiecultuur in de Geesteswetenschappen, die zoals hij zegt gebaseerd is op een individualistisch proces, de data wordt als particulier beschouwd.
Er wordt nog weinig tot niets gedaan aan duurzame toegankelijkheid en archivering van wetenschappelijke data, deels ook omdat de definitie, wat is nu precies die data waar het over gaat, niet helder is. Je hebt de originele onderzoeksobjecten (vaak cultureel erfgoed) en daaroverheen komt een datalaag met een eigen betekenistoevoeging.
Data-publicatie wordt niet als relevant gezien, omdat er geen aparte wetenschappelijke erkenning aan vast zit, alleen het publiceren wordt als een wetenschappelijk prestatie gezien.

Vervolgens komen Rombouts van 3TU en Tjalsma van Dans aan het woord over hun studie over 'Selecteren van data" . Het concept heb ik in de zomer becommentarieerd.
De Management-Samenvatting 'Selectie van onderzoeksdata'is door Surf omgevormd tot flyer als checklist.
Ze benadrukken nog eens dat er veel vrnl disciplinaire verschillen bestaan en dat hun onderzoek zeker geen handboek selectie is.
De redenen die zij noemen: hergebruik, verplichting ivm verificatie en/of ivm Code Wetenschapsbeoefening, historisch belang en belang van onderzoek an sich. Maar dat belang is natuurlijk lastig vooraf aan te geven, behalve als het om historische waarnemeningen gaat en dan nog weet je niet of dat van belang is/zal zijn in de toekomst. Ook noemen zij een aantal preconditions; technische voorwaarden, formaten, metadata, rechten, kosten. Uiteraard moet aan een aantal technische voorwaarden voldaan worden, maar dat is m.i. geen selectiectriterium.
Conclusies: er is geen inhoudelijke selectiebeleid voor digitale data, is het niet urgenter te zorgen voor permanente onderzoeksdata? En selectie mee tenemen in datamanagementplannen? De Forumleden hadden niet veel interesse in een vervolg hierop.

Interessante vraag is ook of er wel daadwerkelijk data hergebruikt wordt.Het Parse Insight rapport concludeert dat 70% van de onderzoekers data hergebruikt. Grote databanken worden meer gebruikt dan kleinere databases.


Vervolgens presenteert Maurits de Graaf het onderzoek 'Oganisatorische aspecten opslag en beschikbaarstelling'. Het rapport zelf is nog niet geheel gereed, maar zal binnenkort op de Surffoundaton site gepubliceerd worden.
Wat kan een onderzoeksinstelling doen?:
Beleidsdocumenten, data audits, trainingen, faciliteiten, registratie, repository.
De populariteit daarvan heeft hij onderzocht.
Is institutioneel datarepository nodig?:
Ja voor datareplicatieverplichtingen vlgs Code en tijdschriften en waar geen disciplinegerichte oplossing zijn.
Voor een data repository is minimaal 2,5 FTE nosdig!
Een data repository is nodig voor de korte termijnopslag, voor de langere termijn is een data-archief nodig.
Aanbevelingen op nationaal niveau:
- Ondersteun ontwikkeling incentives – citeermogelijkheid, datapublicatie
- Aanscherpen gedragscode
- Stimuleren oa – nwo en financiers, ws ts
- Voorkom versnippering: regierol DANS, aanpak disciplinair, internationale afstemming(e-IRG)
Aanbeveing instituuts niveau:
- Maak beleid: leg verantoordelijkheden vast
- Ondersteun: training, faciliteiten
- Breng ik kaart: audit, registratie
- Datarepository: taskforce bibl, it en onderzoeksinformatie

In zijn presentatie hoor ik dezelfde verwondering, aanzet tot begrip die ikzelf had toen ik de eerste gesprekken voerde over onderzoeksdata met onze onderzoekers in 2007. Enfin het is voor ons allemaal nog een leerproces, zoveel is wel duidelijk.
In januari volgt de presentatie van het onderzoek naar kwaliteitsbeoordeling en nog 2 andere onderzoeksdata projecten, die gneoemd zijn op de Surf site.


14 nov. 2010

Bijeenkomst NVB


Vorig jaar had ik me op het NVB-congres voorbereid door me op drie onderwerpen te concentreren:
- ordening versus serendipity
- sociale media en verwording maatschappij
- imago informatieprofessional

Ook dit jaar zijn die drie onderwerpen nadrukkelijk aanwezig, hoewel het congres als ondertitel meedraagt: 'Innovatie: Hoe technologie de bibliotheek bepaalt.'

serendipity
In zijn Keynote noemt Maarten van Rossem -historicus, bekende Nederlander en boekenkoper, geen bibliotheekfan - serendipity als zijn belangrijkste bibliotheekervaring. Serendipity, het rondstruinen en dan op iets moois stuiten.

- Een collega mopperde gisteren over de onvindbaarheid van boeken in de nieuwe OB Almere, Ze noemde het 'meanderen' negatief voor serendipity -

Vanuit zijn eigen ervaring had hij slechte herinneringen aan de UB Leiden, maar in de OB kwam hij wel met als belangrijkste reden: `de min of meer chaotische uitstalling en als ontmoetingsplaats, de sociale functie `
De bezuinigingen op bibliotheken leiden onvermijdelijk tot verschraling van de collectie, vreest hij, zodat die makkelijker te digitaliseren is en in een klap online te zetten. Hij moppert wat over sociale media en over zijn ongeloof in de informatiemaatschappij. Maar mopperen is zijn handelsmerk.
Maarten plaatst elementen die hij bij bibliotheek en informatie denkt bij elkaar: boeken, meeting, serendipity, zoekfunctie, cultuur. En hij besluit met de oproep "doe maar een paar jsf-raketten minder en hou daarmee de culturele infrastructuur in stand".
En daar kan ik helemaal achterstaan.

sociale media
Er was een track 'Marketing en sociale media' maar die heb ik niet gevolgd. Wel ben ik bij gebleven via de social media en dan met name via de verschillende tweets. Er was een Twub en via de hashtag #nvb10 waren de bijeenkomsten en discussie aardig te volgen.

professie [imago informatieprofessional]
Track 2, centreerde zicht rondom de 'professie' .
In zijn openingstoespraak noemde de nieuwe voorzitter van de NVB, Michael Wessling, het vak veranderd. Ons vak is een ander vak geworden vlgs Wesseling. Daar ben ik het niet mee eens. De vorm en media zijn anders geworden, de omgeving is sterk verandert door de toepassingen van de moderne technologie en de veranderende maatschappij, maar de essentie is hetzelfde gebleven = toegang geven/faciliteren tot informatie.
Natuurlijk moet je als informatieprofessional, maar in welk vak niet, meegaan met je tijd en gebruik maken van nieuwe mogelijkheden, zo ook van de mogelijkheden die de sociale media bieden.

De innovatie ligt wat professie betreft meer in veranderende taakgebieden zoals de omgang met wetenschappelijk data. Is daarin een rol voor de informatieprofessional? Rob Grim, data librarian van de Universiteit Tilburg sprak daarover. En ook in de werkgroep Deskundigheidsbevordering van het Onderzoeksdataforum, waarvan wij beiden deel uitmaken is dat een belangrijke vraag.
Hoewel wij binnen het NIOO proberen het data management structureel een plaats te geven is echte ondersteuning bij data management toch meer een taak voor domeinspecialisten.
Tijdens het congres sprak ik onder meer met Suzanne Bakker (voorheen van de commissie bij- en nascholing van de BMI) en die concludeerde dat het vak van informatiespecialist weer terug gaat naar domeinspecialisten: vak overheerst vaardigheid.

Informatievaardigheden is ook een steeds terugkerende issue. De bibliotheek heeft, ook vlgs van Rossem trouwens, een lerende functie om mensen beter te laten zoeken. Reuser haalt daarbij een artikel aan van Van Deursen & Van Dijk waaruit blijkt dat de meeste mensen, zelfs hooggeschoolden niet verder kijken dan de 1e pagina met zoekresultaten.
Internet skills moeten ook getraind worden!
Gert Goris geeft een verslag van de UKB werkgroep Learning Spaces, waarbij de Universiteitsbibliotheek actief optreedt in het onderwijstraject, op het gebied van informatievaardigheden, leermiddelen en de digitale leeromgeving.

Bij de Erasmusuniversiteit hebben ze een ' Scriptie atelier' met modules als ' leren publiceren, maar ook met een begeleidende rol vanuit de UB. In Tilburg en Nijmegen heet het ' Scriptorium' . Het scriptie atelier van Erasmus U gaat uit van bachelor en master scriptierepository en begeleid individueel en in groepen

Het 'leren publiceren' komt terug bij het verhaal van Ben Gussinklo van de Hogeschool Utrecht over de mediatheek als uitgever / specialist open access en auteursrecht.
Mediatheek als uitgever gaat me iets te ver. "Leren publiceren" komt wellicht dichter bij mijn publicatiestrategie. Helaas is de webbased training 'leren publiceren' niet open access. 9 kerncompetenties, voorafgegaan door selfassessment
Digipub
is een kennisplatform, waarbij in overleg met onderwijs en kenniscentra onder meer wordt geexperimenteerd met het open access uitgeven vna een tijdschrift ' journal of social intervention'.

Het mooiste wordt de ' innovatie van de professie' nog wel verwoord door Arno Reuser wanneer hij zegt 'bibliotheek vergeet t, maar bibliotheekfunctie kan groeien'. Reuser roept om om het concept 'informatie' terug te eisen van het (mis)bruik door m.n. ICT. Informatie moet terug, back to basics = metadata .

Een leerzame dag, en ook erg gezellig: veel collega's gezien en gesproken (heel veel helaas niet). Draadloos internet ok, de beursvloer vond ik wat matig en helaas nog steeds niet veel stopcontacten en ook nog geen draadloze elektriciteit.



3 nov. 2010

Publicatiestrategie


Op woensdag 3 november ben ik naar conferentiecentrum Woudschoten gegaan. Wat een prachtige locatie met al die herfstkleuren! Daar vond plaats de 14e bijeenkomst van de institutionele researchers in higher education DAIR.
Onder het moto "Succes verzekered!" werden leziongen, debatten en kennissessies gehouden. Een van die kennissessies mocht ik - mede - begeleiden: de kennissessie over "Nieuwe trends in wetenschappelijk publiceren: Open Access en publicatiestrategien".
Samen met mijn collega Saskia Woutersen, verantwoordelijk voor de onderdelen 'Open Access' en 'Nieuwe Publicatievormen' heb ik hierin een tweetal onderdelen gepresenteerd en wel: 'Impact Factors & Citatiescores' en 'Data Publicatie'
Als eerste een presentatie, voorafgegaan door een korte discussie aan de hand van een drietal stellingen over "publicatiestrategie, Impact Factor en Citatiescores'.



Na de pauze presenteerde ik mijn ideeen rondom datapublicatie:

19 okt. 2010

Download Helper WoS

In Mozilla Firefox kan een probleempje ontstaan als de juiste download helper niet geactiveerd is.
Als je vanuit Web of Science records wilt downloaden naar Endnote wordt mestal automatisch het programma 'ResearchSoft Direct Export Helper' opgestart.
Dit programma wordt tijdens de Endnote installatie ook geinstalleerd, maar lukt dat niet dan kun je het nog afzonderlijk activeren door vanuit de map C:\Program Files\ Endnote X4 het programma Risxtd.exe op te starten.
Dan moet je nog controleren in Firefox of je de juiste toepassing gekoppeld hebt.
Kijk daarvoor onder Extra - Opties - Toepassingen en zoek naar de koppeling met het ciw = ISI Common Export Format.

Voor IE is het voldoende als je in Explorer (Verkenner) onder Extra - Mapopties - de Bestandstypen aanpast.



10 okt. 2010

Presentatie Social Media In Libraries


Vrijdag 8 oktober heb ik een presentatie gehouden onder de titel "Social Media in Libraries" tijdens de 22ste ELISAD meeting.



Belangrijkste vragen die opkwamen:
- kost het niet erg veel tijd?
Ja, maar je krijgt er ook veel voor terug en wint daardoor mer.
- is het geen voorbijgaande hype?
De genoemde social media zijn zeker van voorbijgaande van ook als die verdwijnen zal de wereld nooit meer zijn zoals hij daarvoor was. En vergeet niet dat mensen meer en meer gewend raken aan het in elkaar knopen van systemen en brokken informatie, aan snelle antwoorden en aan onmiddellijk online toegankelijk.

22 sep. 2010

Unique Tag zoeken in WoS

Als je een record download uit Web of Science zie je in het veld Accession Number een code staat:
ISI:000264184800005
Kijk je in het volledige record van Web of Science dan is die code nergens terug te vinden. Er is dus geen - publiek - veld met die code.

Dat is vreemd, want het lijkt een unieke toegangscode en je zou er bijv. makkelijk op moeten kunnen zoeken.
Zoeken, ook via de Advanced optie levert niets op.

In Endnote zie ik dat in het veld URL wel een link naar het full record wordt gelegd op basis van diezelfde code die in het Accession Number staat:


In de Preferences voor het URL veld lees ik wel dat de URL code voor het ISI base URL is:
http://gateway.isiknowledge.com/gateway/Gateway.cgi
Maar hoe dat eraan vast te knopen zie ik niet.

Via Endnote kan ik wel een workaround creëereen:
- Maak een test-record dat uit WoS is gedownload.
- Tik in het veld URL
- Vul het Accession number (zonder ISI : )in achter de twee schuine strepen //
- Sluit record en open opnieuw. Nu is het een link geworden die je kunt activeren en dan kom je bij het record in WoS.

En jawel hoor je komt bij het betreffende record.

Toch maar eens aan Thomson Reuters Support vragen hoe zij dat nu gedacht hebben. Het antwoord :

The number you have been sent is actually a UT tag (Unique Tag), used as an identifier for records indexed on the Web of Science.
You can display the record for any UT, by adding it to the URL below;
http://gateway.isiknowledge.com/gateway/Gateway.cgi?&GWVersion=2&SrcAuth=CustomerName&SrcApp=CustomerName&DestLinkType=FullRecord&KeyUT=ADDUTHERE&DestApp=WOS

Dus als je die URL in de browserbalk plakt en op de plek van ADDUTHERE het nummer intikt, dan kom je bij het record.

Nu nog een makkelijke manier zien te vinden om dit te onthouden.

*
Update donderdag 23 sept 2010.
Naar aanleiding van een Tweet van Wow!ter nogmaals geprobeerd UT te zoeken in Advanced Search. En jawel hoor, het werkt nu wel.
Dus voortaan gewoon in Advanced Search :
UT=000264184800005




18 sep. 2010

Lezing Frans Vera


Op dinsdagavond 7 september jl. organiseerde Elsevier de 2e H.J. Schoo lezing in de Rode Hoed in Amsterdam. Na een welkomswoord door Arendo Joustra, hoofdredacteur van het blad Elsevier en een inleiding door Simon Rozendaal, presenteerde Frans Vera zijn lezing onder de titel “Is de natuur een constructie?”.
In zijn inleiding verwees Simon Rozendaal naar de door Vera en Schoo gedeelde invloed van Jac.P.Thijsse, natuurbeschermer en –behouder van het eerste uur. Schoo, oud-hoofdredacteur van Elsevier, waarna deze lezingencyclus is genoemd, was ook een natuurbeschermer, zijns inziens was Nederland een cultuurlandschap; Schoo was tegen Ersatznatuur van de tekentafel, zoals hij dat noemde. Vera echter gelooft wel in de maakbaarheid van een stukje oorspronkelijke natuur. In Vera's proefschrift ‘Metaforen voor een wildernis: eik, hazelaar, rund en paard' in 1997 verdedigde hij het idee dat Europa van nature een parklandschap is met grote grazers

Frans Vera begint zijn presentatie met een verwijzing naar het beroemde boek over eilandevolutie van David Quammen ‘Het lied van de dodo’: de natuur als een Perzisch kleedje in stukken gesneden. Zo kun je de natuur in Europa ook zien. Ecosysteem als samenhang in Europa is verdwenen = in stukken gesneden
Het verdwijnen van de natuur begon met manipulatie van het landschap door de mens van af de steentijd. Vraag door de gehele tijdslijn aan oermensen ' wat is natuur' dan geven ze een referentiekader met de wildernis, de huidige mens is dat ijkpunt kwijt.

Soorten worden de verbeelding van de natuur, het raamwerk is niet meer natuurlijk, alles is ontgonnen. Het ijkpunt van de natuurbeschermers is dat van voor de invoering van de kunstmest, de boer is bepalend.
De natuurbeschermer van nu, en i.h.a. de mens van nu lijdt onder het syndroom van de verschuivende ijkpunten. Omdat niemand meer weet wat natuur is.
Andere visie op natuur is die van de successietheorie, ‘als je niets doet en ook vee eruit haalt, wordt alles vanzelf natuur’, zo wordt het gesloten bos het ijkpunt. Iedereen wordt verdraagzaam voor het kruipende verlies aan natuur en emotioneel omdat het een waarde vertegenwoordigd. Het bos wordt daardoor een enorm emotioneel obstakel.

Maar zie de oude meesters schilderden geen gesloten bos, maar veel.
Alle dieren, planteneters, eten wat anders, daardoor zijn er meer kansen voor vernieuwing en ontstaat een enorm soortenrijk, afwisselend parklandschap
In de Oostvaardersplassen lieten de grauwe ganzen zien dat zij de begroeiing konden sturen en daarmee ook de wisselende waterstand. Ganzen eten riet in het moeras tijdens de rui, maar daarna voornamelijk gras. Zo ontstond het idee om grote grazers in te zetten ter vervanging van oerrunderen en tarpans. Verschillende en jaarrond begrazing levert gevarieerde mogelijkheden.
De draagkracht van een natuurgebied bepaalt het aantal dieren dat na de winter overleefd.
Er is een relatie tussen vet en vruchtbaarheid. De natuur = voedsel reguleert aantallen. En die kunnen sterk variëren.

Bosweidetheorie: Wilde grote planteneters zorgen voor het voortbestaan van de natuur, niet alles wordt kaal gevreten want doornstruiken beschermen de bomen.
Met referentie aan de psycholoog Daniel Kahneman, loss aversion theory, vertelt Vera over de reactie op het Plan Ooievaar, het doorsteken van de zomerdijken zodat de uiterwaarden van de Rijn weer kunnen overstromen bij hoog water. Vooraf werd voornamelijk ontkennend, want verliesmijdend gedrag vertoond. Dat is alleen te overkomen als er ergens een positief voorbeeld is. Nu de natuur in de uiterwaarden van het Gelders rivierengebied zich zo fascinerend ontwikkeld tot een afwisselend bloemrijk landschap is iedereen wel positief.
Frans Vera antwoord op de vraag ‘Is natuur een constructie’ met “Ja, de natuur is een constructie omdat we geen ijkpunt hebben”.
Aansluitend was er een discussie, waarbij vnl. werd gevraagd naar het dierenwelzijn in de Oostvaardersplassen. Dierenwelzijn, aldus Vera wordt m.n. gerefereerd aan huisdieren en niet aan bio-industrie. Het hek rondom de Oostvaardersplassen maakt niks uit, als je het vergelijkt met bijv. Serengeti waar ook 70 % overleefd.

De EHS, Ecologische Hoofdstructuur is conform grote infrastructuurplannen, waarbij natuurgebieden met elkaar verbonden worden. De schaal van natuurgebieden moet groter en dan kan er ook meer wb toeristen. Waarom is uitwerking van deze natuurontwikkelingsvisie juist in Nederland plaatsvindt, os vanwege 'necessity is the mother of invention' de noodzaak is hier aanwezig doordat het land klein en het aantal mensen groot is.
Het gaat niet zozeer over de biodiversiteit van soorten, maar die van ecosystemen.

Al met al een leerzame presentatie, die na te lezen is in een boekwerkje dat bij Elsevier besteld kan worden.

1 sep. 2010

Data visualisatie

Afgelopen zomer heb ik wederom het Museum Grafische Vormgeving (graphic Design Museum GDM, ook met iPhone app) in Breda bezocht. Na mijn eerste bezoek in december 2009 was ik geïnteresseerd geraakt in grafische vormgeving. En dan met name de grafische vormgeving van data.
Ik was het programma Pivot tegengekomen en op de demovideo zag dat er behoorlijk aantrekkelijk uit.
Helaas lukte het me toen niet, om het aan de praat te krijgen. Maar verderop in het jaar, als ik volledig met Windows 7 geïnstalleerd ben ga ik het opnieuw proberen.

Maar toen kwam de aankondiging dat er in het GDM een tentoonstelling zou zijn over het visualiseren van data. Onder de titel Infodecodata loopt die tentoonstelling nog tot 5 september 2010.


De tentoonstelling presenteert een overzicht van informatiedesign met beeldiconen, wetenschappelijke datavisualisaties, infographics en experimentele computeranimaties.



Het meest interessante aan de tentoonstelling vond ik Gerlinde Schuller met haar Designing Universal Knowledge.

Schuller gefascineerd door het idee om een allesomvattende, mondiale kenniscollectie samen te stellen. In het onderzoek voor haar boek Designing universal knowledge (2009) vroeg zij mensen wat volgens hen de meest universele beelden, gebeurtenissen en personen in de wereldgeschiedenis zijn. Op basis van die gegevens ontwierp Schuller een 26 meter lange tijdlijn van de Big Bang tot 2010, het heden

De tijdlijn van Designig Universal Knowledge is op internet te bekijken. Het boek heb ik meteen gekocht.

Waar het mij echter om gaat is een andere manier van visualiseren van data.
Dus ik zoek nog wat verder op internet en vind dan in Wikipedia een verschil tussen 'data visualisation' en 'scientific visualisation'.
OK, verder met datavisualisatie.
De wiki Digital Research Tools geeft een voerzicht van datavisualisatie tools en ook
Ismael Peña-López geeft in zijn ICTlogy-weblog een overzicht van data-visualisatie tools evenals een overzicht in het Smashing Magazine.
Voorlopig heb ik hieraan nog genoeg studiemateriaal:)

30 aug. 2010

Van Endnote naar Web publiceren

Op de NIOO webpagina hou ik de lijsten met publicaties bij.
Hoe krijg je nu een nette lijst op het web?



Via Endnote en Word.
Het begint bij Endnote. Al onze NIOO publicaties (wetenschappelijke publicaties geschreven door NIOO medewerkers) worden beheerd via Endnote: beschrijving en pdf.

Vanuit Endnote kan ik tamelijk makkelijk lijsten maken per afdeling.
Ik doe dat via Tools - Subject Bibliography. Daarna meestal op jaar gesorteeerd.
Om de titelbeschrijving er netjes op te krijgen hebben wij een outputstyle gemaakt.
Maar daar zijn een paar kanttekeningen bij de te zetten:
a) inspring
b) hyperlink (van DOI)
c) hyperlink naar pdf

ad a) In de outputstyle voor de lijsten heb ik aangegeven dat ik geen inspringing wil. In het venster van de Subject Bibliograhy staat alles dan ook netjes links uitgelijnd onder elkaar. Ik bewaar de lijst in rtf-formaat en als ik die vervolgens in html wil kopieren is alles weer hangend ingesprongen.
Oplossing: Open eerst via Word en geef via Format/Home - Paragraph aan dat je geen (none) indentation wilt.

ad b) In de outputstyle heb ik aangegeven dat de hyperlinks ook als hyperlink moeten worden beschouwd. In het Subject Bibliography venster ziet dat er ook zo uit. Maar helaas blijkt bij kopieren dat het weer platte tekst is.
Oplossing: Open eerst via Word en kies voor - handmatige - Autoformat, waarbij alleen een vinkje staat bij hyperlinks. De lege regel tussen twee titels valt dan jammer genoeg weg.
Oplossing bb: Eerst in Word zoek en vervang naar de dubbele paragraafmarkering, die de lege regel aangeeft en vervang die door een enkele paragraafmarkering aangevuld met een $ (dollarteken). Klik AutoFormat, en Zoek en vervang alles weer terug.
Dit had ik mooi bedacht in Word 2003, maar met 2007 en nu helemaal met Wordt 2010 is het wel even zoeken waar die Autoformat is gebeleven. Welaan, die zit onder File - Options - Proofing - Autocorrectoptions. Daar kun je het instellen. En d.m.v. het commando Customize ribbon, kun je het Autoformatcommando in een eigen tabje in het lint plaatsen.

ad c) De hyperlink naar pdf geeft als je die in het veld File Attachments zet, een interne link. Helaas kun je die link daarna niet meer wijzigen. Om dat toch te kunnen doen zetten we die link in het veld URL.

Al met al vergt het nog wat aanpassingen om Endnote, Word en HTML te laten doen wat ik wil. Maar het lukt!

26 aug. 2010

Cursus digitale duurzaamheid

Datamanagement is een onderdeel van mijn werk en niet het meest gemakkelijke.
Bij datamanagement gaat het om het bewaren, beschrijven en toegankelijk maken en houden van gegevens, in ons geval onderzoeksgegevens.
Het onderwerp digitale duurzaamheid legt de nadruk op het over tijd toegankelijk, leesbaar houden van digitaal materiaal. Er is een Nationale Coalitie Digitale Duurzaamheid, die onlangs nog een rapport hebben uitgebracht “Toekomst voor ons digitaal geheugen”.

Nu is er in oktober a.s. in Londen een workshop Digital Preservation Training Programme.
Leek me wel interessant, maar de kosten – nog zonder verblijf in London (= duur) zijn 763 GBP, zo’n 850 Euro. Beetje prijzig.
En als ik naar het programma kijk gaat het vnl. over OAIS, het Open Archival Information System. Dus eerst maar wat erover lezen, de aanbevolen literatuur van de DPTP website en verder rondkijken.
Vlg. Wikipedia:

“An Open Archival Information System (or OAIS) is an archive, consisting of an organization of people and systems, that has accepted the responsibility to preserve information and make it available for a Designated Community.”



De norm voor OAIS, Reference Model for an Open Archival Information System (OAIS), een 148 pagina’s tellend document bevat alleen al 5 pagina’s met definities (p.17-22) en eindigt met een uitbundig schemaWaar het precies over gaat is me niet geheel duidelijk. Zal eerst maar eens de andere literatuur erover lezen, zoals de ‘… Introductory guide'van Brian Lavoie


En vervolgens ben ik begonnen aan de online tutorial Digital Preservation Management
van de ICPSR, Inter-university Consortium for Political and Social Research. De tutorial is al in 2003 opgezet door de Cornell University Library. Zij hebben een aparte sectie op de website ‘Research Data Management and Publishing Support at Cornell’

De online tutorial begint met stap 1 'Setting the stage', waarin ze een tijdslijn aanbieden, die een overzicht geeft van alle ontwikkelingen rondom digitale gegevens en digitale opslag en duurzaamheid.
Dat is erg interessant met veel informatieve links.
Er zijn 6 stappen, maar ik heb nu met stap 1 al zoveel informatie dat het wel een tijdje kan duren voor ik de hele tutorial voltooid heb.

24 aug. 2010

Data management IPY

Op een mooie zonnige dag ben ik naar Texel gevaren om een bezoek te brengen aan het NIOZ (Nederlands Instituut voor Onderzoek Zee) en wel aan de Data Management Group en in het bijzonder die van de data management van het IPY.
IPY staat voor het International Polar Year. Het IPY 2007-2008 had een zeer divers programma met international polaire onderzoeken. Vanuit Nederland werden en 17 onderzoeksprojecten uitgevoerd.
Het NIOZ en in het bijzonder de DMG fungeert als Nederlands National Polar Data Center en had voor het managen van de data die uit die onderzoeksprojecten voortkomen een datamanager (Ira van den Broek) aangesteld.
In het Annual Report wordt onder het hoofdstuk Scientific Support Services een beschrijving gegeven van de activiteiten die in het kader van het IPY data management zijn verricht.
Ik was diep onder de indruk van de aanpak van zowel NWO (reserveert geld voor data management) als IPYDIS (IPY Documentation and Information Services, Internationale coördinatie) als DMG (uitvoering van Nederlandse IPY data management). Wat een mooie professionele aanpak!
Vanuit het IPYDIS wordt het internationale data management van het IPY gecoördineert. Zij bieden metadataportal, een data policy en ondersteuning van de nationale IPY data centers.
In juni heeft het IPYDIS een document gepubliceerd over de status van de data “The State of Polar Data—the IPY Experience”.
De IPY data strategy bestaat uit 4 elementen:
- Identify and share the data (identification)
- Serve the data in interoperable frameworks (availability)
- Preserve the data (preservation)
- Coordinate the process (coordination)
In juli 2010 was nog slechts een fractie van de data gepubliceerd.
Wel is duidelijk geworden dat specifieke data managers onontbeerlijk zijn bij het identificeren en publiceren van de data. Voor het registreren van de metadata kon gebruik worden gemaakt van de Global Change Master Directory van de NASA
Hun missie:


The mission of the Global Change Master Directory is to offer a high quality resource for the discovery, access, and use of Earth science data and data-related services worldwide, while specifically promoting the discovery and use of NASA data.


De GCMD biedt een interactief formaat voor het invoeren van metadata. De eigenlijke data kan worden opgeslagen in een gedistribueerd datacentrum en gelinked worden aan de GCMD.
Het voordeel van gebruik van een service als de GCMD is dat de metadata tamelijk uniform en gebruikersvriendelijk kan worden aangeleverd. Hoewel er uiteraard toch nog onderlinge afspraken nodig zijn. Er wordt in de GCMD gebruik gemaakt van diverse thesauri ofwel autorisatielijsten.
Toch bleek dat veel onderzoekers wel de hulp van een speciale data manager nodig hadden om alles efficient in te voeren.
Hoewel de doelen van de IPYDis niet helemaal gehaald zijn is wel duidelijk geworden dat data management een integraal onderdeel moet zijn van onderzoeksprojecten en bij voorkeur al van het begin moet worden opgepakt. En uiteraard ook expliciet gefinancierd.

Veel geleerd van dit bezoek: in ieder geval dat je het data management gecoordineerd moet aanpakken en zoveel mogelijk gestructureerd. En dat ondersteuning vna de onderzoekers daarbij noodzakelijk is. Dat blijkt ook weer uit een recente presentatie van Liz Lyon van UKOLN "Enabling research data management at the coalface".

De rest van het weekend genoten van Texel:


18 aug. 2010

iPad vervolg

De onderzoeker aan wie ik de iPad te leen heb gegeven is razend enthousiast. Zeker het snel kunnen opzoeken en het annoteren van pdfs scoort hoog.
Ook Alex Golub in Inside Higher Ed pleit in zijn "iPad for Academics" voor een iPad voor iedere onderzoeker.
En dat lijkt mij inderdaad ook wel.
*
Hoewel het mij in eerste instantie om het lezen van pdfs gaat, was er enige discussie over het lezen van gekochte boeken op de iPad. De boeken die ik via de zogenoemde 'moordstick' heb gekocht kon in zonder meer overzetten. Maar die hebben dan ook geen DRM beveiliging. Als je bijv. via bol.com eboeks koopt dan worden die meestal via Adobe DRM beveiligd en is het de bedoeling die te lezen met Adobe Digital Editions. Het platform ereaders.nl publiceerde de route om ebooks met DRM beveiliging op de iPad te lezen via txtr.
*
Inmiddels begrijp ik dat half september de WeTab op de markt komt. De Duitse firma Neofonie heeft een tablet ontworpen als concurrent voor de iPad.
In eigen woorden:

Das WeTab besitzt eine offene Plattform, an der Jedermann mitwirken kann.
Es basiert auf etablierten Technologien wie Linux, Android und Adobe AIR, sodass Entwickler in aller Welt sich Applikationen für Sie ausdenken können.
Also zusätzlich zu den unzähligen Anwendungen, die bereits für Android – und damit fürs WeTab – existieren.


Ik ben erg benieuwd erna. Lijkt alles te hebben wat iPad ontbeert: multitasking, open toegang (USB), android apps, camera enzo. Ben erg benieuwd of het scherm en de leesbaarheid net zo scherp en flexibel zijn als de iPad en of het OS voldoet. In september bij MediaMarkt.

*
Voorzichtig ben ik begonnen met installeren en uitlenen van de iPad (een maand). Ik durfde in eerste instantie geen betaalde apps te installeren omdat die met een andere iTunes login er zo mee afgeveegd kunnen worden.
Olivier Obst van de MedizinFakultät Münster Zeigbibliothek Medizin pakt het grondiger aan. Hij heeft drie iPads, die hij per week uitleent met een aantal vaste apps. Volgens de regelementen is het niet de bedoeling om zelf met iTunes te synchroniseren. Hij heeft een Wissens-Wiki over o.m. de iPad ingericht.
Deze presentatie en inrichting ziet er erg professioneel uit. Complimenten!.
Ben benieuwd naar de ervaringen.
Een week lenen lijkt me erg weinig, maar ik kan me wel voorstellen, en die vragen krijg ik ook, dat mensen de iPad mee willen nemen voor een congresbezoek in bijv. de VS.

9 aug. 2010

iPad ervaring

Sinds 23 juli, de dag van de introductie heb ik een iPad. Prachtig ding, bedoeld als test in de bibliotheek om te zien of het geschikt is als e-reader voor wetenschappelijke teksten.
Nu wij alleen nog maar e-journals hebben en ook steeds meer online boeken kopen loopt het uitprinten van pdfs de spuigaten uit. Daarom ben ik op zoek naar een oplossing.
De e-ink e-readers, die ik heb getest (iLiad, Cybook, Hanvon en Sony PRS) lezen als een speer waar het gaat om romans, platte tekst. Maar een wetenschappelijke tekst krijg je, door de pdf opmaak in kolommen en met tabellen en grafieken niet goed gelezen. Zet je alles om in epub-formaat dan gaan ook nog eens de leads en intro's door de tekst heen lopen.
Nu dus de iPad getest. en?
Fantastisch!!
Een pdf is goed te lezen, de letters zijn haarscherp, de plaatsjes en grafieken komen in kleur mee en je kunt het door het flexibele touchscreen vergroten en verschuiven hoe je het maar wilt hebben.
Ik ben helemaal om.
Voor het lezen heb ik 2 - gratis - applicaties geïnstalleerd: iBooks en Stanza.
In iBooks kun je boeken downloaden en pdf's neerzetten. Helaas kun je er geen aantekeningen in maken. Daarvoor heb ik nog een gratis app gedownload nl SmartNote Free. Daarmee kun je highlighten en aantekeningen maken. Het is nog niet optimaal, maar er zijn vast betere apps daarvoor.
Uiteraard heb ik de Nature app erop gezet, weliswaar voor iPhone, maar binnenkort komt er een speciaal voor de iPad. Kan dus meteen door de nieuwste artikelen scrollen. En verder de BBC News app en de app van Nu.nl voor het nieuws.
Ik heb gekozen voor een iPad met wifi only. Dat wil zeggen dat hij geen telefoonverbinding heeft,maar voor zijn internetaansluiting toegang moet hebben tot een netwerk. Over het algemeen werkt dat prima.
Met de Documents app kun je aantekeningen maken (tekst en spreadsheet) en die uitwisselen met je Google Docs. Met iFormulae kun je formules bekijken.
Video's zijn prachtig te bekijken: YouTube video's maar ook instructieve opnames. Podcasts kun je afluisteren.
Ik heb ook Flipboard geïnstalleerd, maar vindt eigenlijk de paper.li voor mijn twitterstream net zo mooi. Dit is een beetje houterig.
De Mendeley app, net nieuw en dus nog niet volmaakt, neemt wel mijn web collectie over, maar zonder de eerste auteurs en de titel, wat een beetje vreemd overkomt. Wel inclusief pdfs, die ik dan dus ook op de iPad kan lezen. Als die app goed zou zijn en je kunt in de pdfs aantekeningen maken dan is het helemaal perfect.
De Safari browser voldoet goed en je kunt er redelijk mee surferen.
*
En wat zijn de nadelen:
- het scherm spiegelt heel sterk, zodat je bijna altijd naar jezelf zit te kijken. In de zon lezen kan wel goed, want je kunt het scherm alle kanten opdraaien. Helaas zie je vette vingers op het scherm, waardoor ik eigenlijk constant aan het poetsen ben. Je kunt er wel beschermfolie voor krijgen hoorde ik.
- iTunes. Als er iets is wat een professionele toepassing van de iPad in de weg staat is het wel iTunes. iTunes is het programma wat je nodig hebt om de iPad te beheren. Zelden heb ik zo'n knullig programma gezien! Het is ooit eens gemaakt om populaire liedjes voor je iPod te kunnen downloaden, maar het is nu echt topzwaar geworden. De zoekfunctie kan niet slechter. Handiger is om een app met Google te zoeken en dan te proberen door te klikken zodat hij in iTunes opent. En wat een raar gefrunnik als je meerdere computers gebruikt, dan moet je telkens alles overzetten. En dat kan niet in een keer, maar met stapjes, en als je wat vergeet ben je het kwijt. Werkelijk vreselijk.
Mijn conclusie: iPad is een fijn apparaat en zo gauw er een op de markt komt zonder iTunes koop ik er een voor mezelf.
Deze gaat nu in de uitleen, ben benieuwd hoe dat zal gaan.

1 aug. 2010

Twee weken wandelen in Duitsland

Net als vorig jaar zijn we ook dit jaar weer naar Sauerland getogen om de Rothaarsteig verder te lopen. Inmiddels heb ik voor op mijn iPhone het Rothaarsteiglied gedownload "Wir wandern mit gesang am Rothaarsteig entlang. Wir lieben Wald und Bergen im schönen Sauerland" .

De route van de Rothaarsteig is uitzonderlijk goed aangegeven. overal zie je het Rothaarsteig teken. Langs de weg zijn veel rustplaatsen en schuilhutten. Ook hebben ze soms op mooie uitzichtpunten grote houten lijsten neergezet waardoor je het landschap als ingelijst kunt bewonderen. Het was erg warm dit jaar en dan is het goed in de bossen te toeven. Op de route veel beekjes en bronnen, met prachtige bloemen. Ook in Duitsland wordt veel aan natuurontwikkeling gedaan. Pal na de Tweede Wereldoorlog werden er veel naaldbossen aangelegd, om te voorkomen dat er weer een tekort aan hout zou ontstaan. Daar hebben ze nu wel een beetje spijt van, want van oorsprong horen er gemengde bossen of zelfs loofbossen (eiken-beukenbossen) te groeien. Op sommige plaatsen worden de productiebossen nu weer gerooid om een natuurlijker landschap te scheppen. Hele mooie voorbeelden daarvan zijn te zien in het Schwarzbachtal, het Edertal en het Ilsetal. Nadeel van productiebossen is ook dat ze meestal tamelijk saai zijn, en dat er flink in gekapt wordt. Je komt dan ook herhaaldelijk kapvlaktes tegen.

26 jul. 2010

iPad



Afgelopen vrijdag naar Icentre in Amstelveen gegaan om een iPad te kopen. (Ik vreesde voor grote aanloop in centrum Amsterdam en aan Media Markt heb ik een hekel, vandaar mijn keuze voor Amstelveen). Er stond een klein rijtje, maar dat mag geen naam hebben. Binnen een half uur stond ik buiten met de iPad.

Ik heb gekozen voor een 'wifi only'. Een telefoonabonnement (voor mobiel internet) leek me, voor een exemplaar wat uitgeleend gaat worden niet handig.

De bedoeling is om de iPad te gebruiken als e-reader. De huidige e-readers, die we hebben, zijn niet in staat gebleken om een wetenschappelijke pdf leesbaar te presenteren.
Ik heb meteen de iBOOK app en Stanza geïnstalleerd. Via Stanza kun je makkelijk bijvoorbeeld de boeken van project Gutenberg downloaden en via iBOOKS kan ik pdf's die ik download van e-books en e-journals erin zetten.
Ook de Nature app zet ik er meteenmaar op.

Het ziet er goed uit. De touch screen werkt prettig en de pdf's zijn helemaal te lezen!. Nu nog op zoek naar een annotatiemethode.
Ik hoorde van iAnnotate PDF dat je daarmee aantekeningen kunt maken, maar dat is een betaalde app. Eerst maar eens kijken hoever ik kom met gratis.

Helaas heeft Endnote geen app, maar Mendeley wel, die kan ik ook eens proberen

21 jul. 2010

Endnote X4


Er zijn een aantal aardige nieuwe features ingebouwd in Endnote X4.
De belangrijkste eis natuurlijke dat X4 compatibel is met Office 2010. Juist nu ICT binnen het instituut Office 2010 wil gaan uitolllen, is het belangrijk om een goed werkende Endnote erbij te hebben.

Eerst kijk ik toch altijd even of alles nog werkt zoals ik gewend was: Edit, Preferences, Import, Export, Subject Bibliography, Find ful text, Groups en uiteraard ook Cite While You Write (CWYW).
Dat lijkt allemaal in orde. Dus laat ik eens kijken naar de nieuwe features:
- importeren van PDF, waarna Endnote de metadata (middels DOI) er zelf uithaalt
o de eerste PDF gaat mis, het is wel een officiële uitgevers-PDF, maar er staat geen DOI in
o de tweede lukt wel goed
o dan maar eens proberen met een map waarin 123 PDF’s zitten. Er worden inderdaad 123 records aangemaakt en geïmporteerd. 19 daarvan (= 15 %) hebben alleen de PDF-naam als titel en de PDF er aan geattached. Bij een record is zelfs de PDF-naam niet overgekomen. Dat is toch aardig. Wel vreemd dat in ieder geval bij 4 van de 19 wel een DOI wel een DOI gevonden is, maar die Endnote kennelijk niet kan verwerken.
- Quick edit functie in het onderste werkveld. Waar voorheen 2 tabs beschikbaar waren: Preview en Search, is er nu een derde tab bij Quick Edit. Zo hoef je niet meer eerst het hele record te openen om een document te wijzigen. Handig.
- Zoeken in de full text. Dat is wat lastig te controleren, maar met een specifiek woord kom ik er inderdaad uit. Mooi.
- Groepen-manipulatie. Je kunt nu een aantal groepen met elkaar vergelijken en Booleaans, als zoeksets samenvoegen of uitsluiten. Een mooie optie.


Er zijn nog meer nieuwe features, zoals een betere duplicatencontrole en verwerking en wat vernieuwingen in de CWYW. Die ga ik nog testen. Dit was de eerste indruk en die is niet slecht.
Een filmpje over de nieuwe Endnote is te zien op de Endnote site.

8 jun. 2010

Data Management Plan

De nieuwste aanpak om het beheer van data en data-archivering vorm te geven, is om een Data Management Plan op te stellen (NSF stelt dit voortaan verplicht). Dat lijkt me een goede ontwikkeling. Van daaruit kun je dan ook aangeven wat je criteria zijn

Een voorbeeld van een Data Management Plan aanpak is die van MIT Libraries. Ze hebben een erg duidelijke checklist:

A Data Planning Checklist:
1. What type of data will be produced? Will it be reproducible? What would happen if it got lost or became unusable later?
2. How much data will it be, and at what growth rate? How often will it change?
3. Who will use it now, and later?
4. Who controls it (PI, student, lab, MIT, funder)?
5. How long should it be retained? e.g. 3-5 years, 10-20 years, permanently
6. Are there tools or software needed to create/process/visualize the data?
7. Any special privacy or security requirements? e.g. personal data, high-security data
8. Any sharing requirements? e.g. funder data sharing policy
9. Any other funder requirements? e.g. data management plan in proposal
10. Is there good project and data documentation?
11. What directory and file naming convention will be used?
12. What project and data identifiers will be assigned?
13. What file formats? Are they long-lived?
14. Storage and backup strategy?
15. When will I publish it and where?
16. Is there an ontology or other community standard for data sharing/integration?

Ook de Unviersity van Queensland in Australië heeft een aantal richtlijnen voor een Research Data Management Plan in een presentatie:

Wat moet er in dat plan komen:
Queensland zegt:
-Originators and owners of the data
- Description of project
- Metadata used (schema, standards)
- Types of data to be collected
- Volume of data (estimate of disc and/or tape storage required)
- Retention requirements
- Format/s of and software used in creation and use of the data
- Access policies and provisions
- Confidentiality requirements
- Storage, preservation and archiving of data

Ook de RELU (Rural Economy and Land Use Programme van de UK Data Archive heeft een voorbeeld voor een data management plan.

En de Britse DCC heeft een Data Management Plan Content Checklist opgesteld en gaat ook de mogelijkheid geven om online zo’n Data Management Plan op te stellen.

De Universiteit van Edinburgh heeft een uitgebreide data management site met een checklist voor een data management plan en een pagina met een opzet voor een data management plan.

7 jun. 2010

Met AIN naar FD

Met AIN naar FD
Auteursrecht in tijd web 2.0 Het Amsterdam Informatie Netwerk heeft samen met het Haags Informatie Netwerk een namiddag-bijeenkomst georganiseerd rond het thema auteursrecht. De locatie is het nieuwe gebouw van Het Financieel Dagblad in de oude Renault-garage tegenover het Amstel station in Amsterdam.
We komen samen in het auditorium van het FD, achter restaurant Dauphine. Het terras van het restaurant zit lekker vol.

Interim manager Pieter Kok van het FD heeft het over :”de krant als auteur”.
De krant ziet hij niet zozeer als een product maar als een concept: redactioneel concept, distributie concept, economisch concept.
Pieter Kok was voorheen uitgever bij de Volkskrant. Op de NVJ-site staat een interview met hem onder de noemer ‘Journalistiek en Internet’. Het interview is ongedateerd, maar zelf zegt Pieter dat zijn ideeën nog hetzelfde zijn.
De krant is een betrouwbaar onafhankelijk filter en dat is ook wat de waarde van een krant vertegenwoordigd.
Door internet is de tijd waarin de krant zijn nieuwswaarde kon omzetten in economische waarde gedaald = functieverlies van krant:
Invloed van internet:
- Opheffen informatie asymmetrie; info voor iedereen beschikbaar
- Disintermediation: uitschakelen van tussenhandel
- Immediacy: onmiddellijk antwoord, actie
Dat zijn precies de pijlers waarop krant is gebaseerd, die wordt dus door internet uitgedaagd.
Gevolgen van internet voor het uitgeefconcept: meer distributiemogelijkheden, informatiebehoefte groter, interactie is mogelijk. Continue updates door alerts, rss etc. De nieuwe krant is een “Virtual News Network”
Hij laat een aardig plaatje zien hoe hij de opbouw van een redactie voor zich ziet: rondom een centrale desk, die nieuws vanuit verschillende hoeken presenteert zodat er een compleet beeld ontstaat. Verder eromheen de eindredactie, opmaak, beeldredactie en news intelligence. Daaromheen de deelredacties en daaromheen een grote groep free lancers en netwerk lezers (experts)
Gevolgen voor het auteursrecht: handhaven moeilijk want drempel is nul. Maken van kwaliteitscontent is niet gratis, distributrie wel. Met meer free lancers is er minder collectieve controle en daarom is er behoefte aan een gemeenschappelijk content-clearinghouse als borging voor het auteursrecht: een grote database waaruit content kan worden gehaald. Groeimodel. Vroeger waren dat uitgevers.


De tweede spreker is auteursrechtenadvocaat Christiaan Alberdingk Thijm van SOLV Advocaten “ E-books: waarheen, waarvoor”, vanuit het perspectief can de uitgever, de auteut en de consument.
De UITGEVER: de angst regeert vergl. De eerste reacties op de opkomst vna de video. Dat werd gedacht de ondergang te zijn voor de filmindustrie, maar eind 90 meer inkomsten uit VHS dan uit bioscoop, Er is vaak koudwatervrees bij introductie van technologieeen,.
De reactie van muziekindustrie op p2p is een copyright war veroorzaakt omdat er geen legaal alternatief wordt geboden, geen standaard formaat is, DRM, hoge prijzen.
De AUTEUR: nieuwe mogelijkheid om content te exploiteren. E-book gaat boek niet vervangen, is ander exploitatie. Ian Mcewan en Leon de Winter exploiteren zelf
De CONSUMENT: DRM , zie amazon verhaal bedreiging privacy, beheer content
Conclusie: koudwatervrees is onterecht, nieuwe techniek = nieuwe exploitatiemogelijkheden, stimuleer gebruik = geen DRM/beperkingen.
De eerste strijd zal gestreden worden tussen auteurs en uitgevers over contract. De boekhandel gaat er op termijn uit en de vaste boekenprijs is onhoudbaar.
Er moet een licentiemodel ontwikkeld worden voor content aanbieders, in het contentclearinghouse zo sluit hij aan bij de voorgaande spreker .
De rol van de uitgever /krant is een filter te zijn voor betrouwbaarheid en serendipity.


Daarna kregen we een rondleiding door het FD-gebouw. Dat hier sprake is van mediaconvergence is wel duidelijk. In het gebouw gaan gedrukte en internetkrant samen met BNR Nieuwsradio en een horeca-voorziening waar ook gasten kunnen worden ontvangen. Het gebouw is een mooi icoon geworden van die mediaconvergence.
Ik vond de rondleiding indrukwekkend: we mochten een kijkje nemen in de regiekamer bij BNR en op de redactievloer van het FD. We kregen allemaal een goodies bag mee en we sloten af met een verzorgde lunch.
Er waren ong 70 mensen aanwezig en deze bijeenkomsten zijn zowel gezellig als nuttig.



Dag van de Bouw


Zaterdag 5 juni werd de Dag van de Bouw gevierd met de openstelling van onder meer de NIOO Nieuwbouw in Wageningen.
De Dag werd georganiseerd door het Bouwbedrijf Berghege uit Oss, de bouwers van ons nieuw instituut.
Een aantal ruimtes op de begane grond en de eerste verdieping waren opgesteld. In de verschillende ruimten hadden de verschillende bouwondernemers/installateurs en andere bedrijven die meewerken aan de nieuwbouw ruimte om zich te presenteren.
Er werden voortdurend rondleidingen gegeven, er was koffie, thee en cake, en ook fris.
De eerste ruimte na de rondleiding was een korte presentatie van het NIOO en het onderzoek wat hier gedaan wordt. Ikzelf heb een aantal keren een korte introductie gehouden voor een groep, waarna mensen bij de aanwezige onderzoekers konden kijken door een microscoop of een quiz doen over het begrip soort. ook kon je met een telescoop kijken of je de ring om een vogelpoot kon lezen.
Er zijn bijna 500 mensen geweest, wat een mooie opkomst is.
De bibliotheekruimte is nog helemaal leeg.


Wel is er aan de raamzijde een soort balkon gemaakt (voor het transport van materialen, blijft helaas niet zo)



EBSCO Informatiedag

EBSCO informatiedag 11 mei 2010 “Building the library of the future”.

Vanaf de inleiding wordt er een gevoel van urgentie gecreëerd door te benadrukken dat “de toekomst is nu”.
H.-P. Meulekamp opent met een inleiding in de rol van de bibliotheek, de ontwikkelingen en de uitsterflijn. Vlgs die lijn is de bibliotheek over 19 jaar uitgestorven. Ebsco haalt Outsell informatiemarkt onderzoek aan naar het zoekgedrag van mensen: 54 % zoekt op internet en 20% via portals, zoals intranet. En bij die laatste groep moet je als bibliotheek bij willen horen.
De bedreiging, zoals budgetreductie en concurrentie kunnen het hoofd geboden worden door vernieuwde focus :
= minder collectiewarenhuis
= plek voor lokale en unieke collecties
= virtuele bibliotheek
= 2.0 user generated content, customizen
= enterprise 2.0
= uitbesteding van taken die geen toegevoegde waarde bieden
= meer nadruk op virtuele bibliotheek
= informatie-autoriteit
(zie ook de Ebsco’s Library collections and budgeting trends survey)
De invloed van e-bronnen zal zijn : minder bezoek, minder printbeheer, minder informatie zoeken en formatting, nu dus meer licencties, training, info-autoriteit
En daarbij kan Ebsco helpen met : kwaliteitsinformatie, consultatieve dienstverlening, toegang en integratie, abonnement en en ERM. Dat zijn de zaken waarmee Ebsco de informatiepartner (vh informatiemediair) kan steunen.
Van het commerciële praatje heb ik alleen Library-choice overgehouden. Library choice is convenant van uitgevers en agenten, waarbij eenmaal afgesproken prijs voor consortium blijft gelden voor anderen.

Na de pauze volgde de inspirerende presentatie van prof Henri Verhaaren Biomedische bibliotheek Gent Universiteit “de bibliotheek van de toekomst of een bibliotheek voorbereid op de toekomst”.
Het chaotisch en democratisch wat inherent is voor het digitale omgeving spreekt Verhaaren aan Bibliotheek moet 100% digitaal. De bibliotheek koek bestaat uit 5 delen: infrastructuur, technologie, bronnen, hrm, user-usage. De motor van een informatiesysteem is de informatienood (=informatieb ehoefte) van de gebruiker, internet als extended memory aldus Verhaaren.
Bibliotheek moet zich aanpassen aanpassen aan de nieuwe omgeving, aanpassen wat de gebruiker wil ; aan semantic intelligence in flexibele digitale omgeving, 1 netwerk, transcompany, transdicipline. Analoog en digitaal blijven naast elkaar bestaan (schema’s, backing up, conferenties p2p)
Verhaaren: "Bibliotheken zijn ecosystemen van kennis" primaire bronnen verzamelen: zipping of information. Gebruiker: hoe ga ik met kennis om, informatie geletterdheid,, levenslang lerend en kritisch blijven
Bibliotheken kunnen de wereld veranderen, maatschappelijke verantwoordelijkheid, informatienood gaat alleen maar toenemen.
Henri Verhaaren schreef artikel in 2007 "is there a future for scientific medical library?"

Na de presentatie van Verhaaren volgde nog een presentatie van ERM electronic resource management, een dienst van Ebsco. ERM Essentials is de de centrale knowledge base en fungeert als licentiedatabase.
En een verhaal over Discovery, de online demonstratie lukt niet want het draadloze internet ligt eruit.
Wat is discovery? Geintegreerd systeem: een enkel zoeksysteem waarmee alle informatiebronnen in een keer bereikt kunnen worden, gebaseerd op A-Z linksource geïntegreerd zoeken. Doorzoekt de full text van kranten, tijdschriften, wetenschappelijke tijdschriften en ebooks.

Na een heerlijke lunch krijgen we een presentatie van Netlibrary, de e-book functionaliteit die Ebsco van OCLC heeft overgekocht. Demo lukt niet. Je betaalt bij prepayed de verkoopprjs + 55%, of jaarlijks +15 jaar 15%. Netlibrary interface hetzelfde als in januari 2008 toen ik het voor het eerst probeerde en waarover ik geblogd heb. Voorlopig dus nog niet interessant, wachten op aanpassingen.

Vanuit de gebruikersgroep van EBSCO krijgen we nu een presentatie over de “Bibl van de toekomst door gebruiker”. Er zijn drie roepen, ik volg de presentatie van Bibliotheek van het Vredespaleis: digitaal en traditioneel, gespecialiseerd. Ze hebben een mooie website en dat is ook nodig want, ze hebben een internationale, vormeloze doelgroep die ze willen bedienen met e-resources onder licentie.
De dag wordt afgesloten met een rondleiding in het Amsterdamse stadsarchief en een borrel na.
Een goed verzorgde leuke dag, zeer belangrijk als netwerkgelegenheid.

17 mei 2010

Bronvermelding


De Dienst Milieu en Bouwtoezicht van de Gemeente Amsterdam medlt het volgende nieuws:

Amsterdammer loopt of fietst naar werk
7 mei 2010
-
Communicatie
Bijna de helft van de Amsterdammers (48%) gaat per fiets of lopend naar werk of studie. Dat is het hoogste percentage van 75 onderzochte EU-steden.

Het onderzoek werd eind vorig jaar gedaan door de Europese Commissie. Uit dit onderzoek blijkt ook dat Amsterdammers, samen met Rotterdammers, het meest optimistisch zijn over het vinden van een goede baan. Aan het onderzoek deden 500 mensen per stad mee.


Als Bron geven ze, met link, op AT5 , de locale nieuwszender, die op zijn beurt weer verwijst naar De Telegraaf (zonder link):


donderdag 06 mei 2010 08:22
Amsterdammer loopt of fietst naar werk

Bijna de helft van de Amsterdammers (48 procent) gaat per fiets of lopend naar het werk of de studie. Dat is het hoogste percentage van 75 onderzochte EU-steden. Dat meldt De Telegraaf.


In de Telegraaf is het betreffende artikel niet terug te vinden. Niet gemakkelijk althans, want mij is het niet gelukt.

Waar het mij om gaat is dat er geen enkele verwijzing wordt gegeven naar de bron van dit bericht, nl het onderzoek van de Europese Commissie naar de beleving van de kwaliteit van leven in de EU-steden: de stadsaudit (urban audit).

Er zou toch in ieder geval een bronvermelding moeten zijn bij de berichten, en als je dan een andere nieuwsbron citeert, check dan of en waar je het origineel kan vinden. Zo wordt het wel heel erg elkaar napraten. En m.i. bestaat goede journalistiek ook uit het natrekken van de verkregen informatie, en in geval van dit bericht kom je dan - na wat zoeken - op het rapport van de EC.

Het rapport "Enquete over de levenskwaliteit in 75 Europese steden" is te vinden op de EC site.

3 mei 2010

Emtacl10 Nabeschouwing

emtacl10:emerging technologies in academic libraries

Van 26 tot en met 28 april werd in het Noorse Trondheim de bijeenkomst gehouden in het Rica Nidelven Hotel aan de haven en georganiseerd door de NTNU (Universiteit van Trondheim)

Het was goed verzorgd, volop elektriciteit en gratis draadloos internet, onbeperkt koffie en water en allerlei lekkernijen. De lunches waren onovertroffen en datzelfde geldt voor de receptie met champagne en hapjes op maandagavond en het diner op dinsdagavond.


Als afsluiter heb ik op woensdagmiddag, samen met collega’s een bezoek gebracht aan een van de bibliotheken van de NTNU, in het oude (dit jaar 100-jarig bestaan) universiteitsgebouw. Het was de originele bibliotheek voor technische wetenschappen , slechts 2 jaar na oprichting van de universiteit ontstaan en nog steeds, hoewel verbouwd, gevestigd op dezelfde plek. NTNU was oorspronkelijk een technische universiteit, maar is later met andere instituten gefuseerd tot een algemene.
De inrichting is een beetje klassiek gehouden met veel hout en licht. Er hangt een prettige sfeer en is gevarieerd ingericht met verschillende zitjes , studieruimten en computerplekken. Na introductie van e-journals en e-boeken liep aanvankelijk het gebruik terug. Sinds de herinrichting een paar jaar geleden, waarbij veel aandacht is geschonken aan het creeren van een goede werksfeer is het bezoek weer gestegen.

Het congres zelf was ingedeeld in een aantal hoofdtracks, de eerste drie heb ik gevolgd:

- Supporting Research
- Semantic Web
- Practical web 2.0
- Social Networks and Mashups
- Mobile Technologies
- New literacies
- Technologies

Het geheel was tamelijk vol gepland, met aan het begin van de dag twee plenaire keynote- presentaties van 45 minuten en daarna twee gescheiden tracks, waarbij presentaties werden gehouden van 20 minuten, afgewisseld met 10 minuten productpresentaties. En dan op dag 2 in de middag nog met bliksempraatjes van 5 minuten.
Er is veel gezegd, ik heb veel gehoord, maar ook het nodige gemist. Mobiele technieken heb ik overgeslagen omdat we er een aantal jaren geleden al een CWIS bijneekomst over hebben gehad en ik inmiddels weet dat onze Refshare catalogus ook mobiel kan (Refmobile). Maar heb je behoefte om je catalogus mobiel te bevragen? Van de Ebsco-productman hoorde ik dat onze database Artic and Antartic Regions, die wij van Ebscohost betrekken ook mobiel kan, dat moet ik nog uitproberen. De track Sociale Netwerken heb ik gemist, maar in de wandelgangen werd daar druk over gesproken. De presentatie van de medewerkers van de Karlsruhe Institut für Technologie ga ik nog opvragen. Naar aanleiding van mijn eigen bliksempraatje kwam ik in gesprek met de heren en dat wekte toch wel mijn interesse. Prof. Andreas Geyer-Schulz doet onderzoek naar het effect van sociale netwerken en hij liet me een nog niet gepubliceerd artikel zien. Interessant.

De New Literacies heb ik overgeslagen, want het hele 23 dingen verhaal ken ik ondertussen wel, en studente Ida Aalen gaf in haar keynote op de laatste dag een mooi staaltje mediawijsheid ten beste.

Van wat ik gevolgd heb, maakte de track rondom het semantisch web, met veel linked data experimenten, de grootste indruk op me. Wat ik begrijp is dat er overal ter wereld bibliotheken bezig zijn te proberen greep te krijgen op linked data en daarmee experimenteren. Terecht merkte Patrick Danowski op dat je als bibliotheek niet veel kunt doen aan de publicatie van full text, maar je kunt wel je catalogus verrijken met koppeling aan externe bronnen.

Ook de voorbeelden van wat diverse mensen aan experimenten en praktische web 2.0 toepassingen doen (met name Guus van den Brekel is daar in Nederland erg actief in) geeft wel een aantal suggesties. De stelling van Guus dat bibliotheken een leidende rol hebben bij het uitleggen van web 2.0 toepassingen wordt niet alom gedeeld. Sowieso kwam telkens weer de vraag naar boven: ‘maar wat is daarbij de rol van de bibliotheek’. Duidelijk is dat je als bibliotheek zelf actie moet ondernemen, dicht bij je eigen stiel moet blijven en in gesprek gaan met je gebruikers en kijken naar wat zij nodig hebben.

Als nasleep van dit congres heb ik nog heel wat na te kijken en te overdenken. Alleen daarom al is het een geslaagd congres geweest. Het heeft me ideeën opgeleverd en in sommige gevallen (linked data) een beter begrip over de materie. En het is altijd nuttig om te horen waar anderen mee bezig zijn.

Het was een gezellig congres, 200 deelnemers is juist een mooi aantal om het niet massaal, maar toch gemêleerd te laten zijn.

2 mei 2010

Emtacl10 Praktisch Web 2.0

emtacl10:emerging technologies in academic libraries
Virtual research networks: towards Research 2.0 / Guus van den Brekel (Central Medical Library, UMCG)
Guus van den Brekel opent vandaag met zijn motivatie om iets te doen aan de kloof tussen de gebruikersomgeving en de bibliotheek. De gebruikersomgeving verschilt heel veel van de bibliotheekomgeving. Daarom ook spoort Guus bibliotheken aan zich met de gebruikersomgeving te bemoeien . Zelf heeft hij voor de gebruikers van de Medische bibliotheek van de Universiteit Groningen een werkbalk ontwikkeld, op maat gemaakte zoekwidgets gemaakt en een complete bibliotheek-gereedschappenkist in de vorm van een Netvibes universe. Als je voor je gebruikers iets wilt ontwikkelen dan moet je zorgen voor voldoende diversiteit, aanbieden in diverse formaten en platformonafhankelijk, het moet tijdbesparen en te personaliseren zijn.
De tweede kloof die hij beschrijft is die van de workflow, zoals die gezien wordt door de gebruiker en door de bibliotheek, De bibliotheek moet naar de gebruikers toegaan, i.c. naar de Research Networks.
[Geozon heeft een kaart gemaakt van alle sociale netwerken van onderzoekers ]
Wat zoeken onderzoekers op het werk: om hun werk te vergemakkelijken om efficienter te werken, communicatie en samenwerking en verspreiding van ideeen. Hij beschrijft een aantal web 2.0 tools voor onderzoekers. Er zijn algemene tools (Google docs, Netvibes, Delicious), maar ook commercieele aanbieders (ToCollab, Connotea).
Wat verandert er met Research 2.0? Er worden makkelijker communities gevormd buiten de bestaand organisaties, resources zijn rijker en creatiever en je kunt sneller en breder werken.
Als bibliotheek heb je een leidende rol om web 2.0 uit te leggen, zegt Guus. Hoe kunnen sociale netwerken onderzoek ondersteunen. Bibliotheken zijn niet genoeg betrokken, onderzoekers verdienen meer aandacht. Gedrag van onderzoekers is nu al aan het veranderen: meer communicity building dan technologisch, een sociaal gebeuren
Bibkliotheken moeten zichtbaar zijn en lokaal ondersteuning bieden, met VRE kun je bibliotheekresources een rol laten spelen en ook de digitale output van het eigen instituut presenteren.
Mooie ontwikkeling zijn de VRE virtual research envirionment: pogingen om een geintegreerde workflow te bieden, zie bijv. het recente rapport van JISC VRE programma Landscape study.
Guus eindigt met: "Build networks together, engange, facilitate, stimulate"
Boek aanrader Supporting Research Students / Barbara Allen
Presentatie van Guus
*

I've got Google, why do I need you? A student's expectations of academic libraries Ida Aalen (NTNU)
Student mediacommunicatiuon & ict, maar zij is de enige in de klas die een laptop gebruikt voor aantekeningen. Studie is meer dan lezen, soms is het moeilijk om aan informatie te komen.
Ida leent boeken bij bibliotheek, maakt aantekeningen en citaten in Google Docs en Evernote, repeteert met quizlet en om gefocust te blijven en afleiding uit te schakelen heeft ze rescuetime geinstalleerd.
Voor het zoeken gebruikt ze alleen nog maar Google Scholar.
haar werkmethode noemt ze een hack, een work-around: internet is nog in het stenen tijdperk Ze heeft niets met gadgets, maar wil de software gebruiken als die intuitief en zonder uitleg gebruikt kan . Niets geconstrueerd. Als programma’s je ongemakkelijk doen voelen, dan werkt het ook niet.
Computer literacy is dwangmatig op een andere manier forceren te denken dan natuurlijke, intuitief
Met een paar rake uitspraken maakt ze iedereen wakker:
‘Screentime does not make your competent’.
‘Focus on goal rather than on task’

Boek: About face 3.0 Cooper, Reimann en Cronin

Presentatie van Ida

*
Scientific output on Erasmus MC website and the use of XML: An easy way to manage and standardise the presentation of department’s journal articles Wichor Bramer (Erasmus Medical Centre Library)
Wichor mag de conferentie uitleiden met zijn verhaal over hoe hij, niet perfect maar wel praktisch, de publikatielijsten voor de onderzoekers dynamisch en netjes kan opmaken.
Zoekfunctie vanuit Scopus, omdat die een author ID hebben, het resultaat invoeren in Endnote. Wichor heeft een speciale XML outputstyle gemaakt, omdat dat flexibeler is dan de 'gewone'XML-uitvoer uit Endnote. XML file uploaden naar de website, in XLST opmaak. Ook mogelijk lijsten op onderwerp te maken. In toekomst probeert hij vanuit een database werken.

Emtacl10 Bliksempraatje


emtacl10:emerging technologies in academic libraries
Vooraf overwoog ik een presentatie te maken voor Emtacl, maar omdat ik het te druk had met andere zaken kwam het er niet van. Daarom viel de aankondiging om in te tekenen voor een bliksempraatje wel goed. Een kleine presentatie, die strikt maar 5 minuten mag duren.
Ik besloot om een korte presentatie te maken over het proces van data-management. Omdat het structureren en archiveren van onderzoeksdata voor ons op dit moment zo'n belangrijk punt is.
Proces of Research Data Management at NIOO-KNAW



Belangrijkste punten uit die presentatie:
- onderscheid tussen data-discovery (zoekbaar maken van je data door metadata te publiceren) en daadwerkelijk archiveren, al dan niet openbaar toegankelijk
- na archiveren kun je kiezen voor open access of beperkte toegang
- het is noodzakelijk om mensen te stimuleren en te motiveren
- technologie is faciliterend, niet voorschrijvend: flexibele standaardisering en gebruikersvriendelijke interface.

Door mijn enthousiaste oproep aan het begin van de dag (na de keynote van Clark), besloot ook Sofia Arvidsson van de Digital Services, Gothenburg University Library ene presentatie te geven over hun data-opslag project.
Research Data in Humanities and Arts sciences - Open Access?
Erg aardig, jammer dat het maar een project is en dus nog niet verzekerd van voortgang.
*
Het concept van bliksempraatjes vind ik erg goed. Je hoeft niet zo veel tijd in voorbereiding te steken en kunt toch iets laten zien over waar je mee bezig bent.
Ze hadden het wel iets beter kunnen aankondigen, maar omdat het in de loop van een track (linkd data / semantisch web) werd gehouden was er toch voldoende belangstelling.
Ook na mijn praatje had ik over belangstelling niet te klagen: ik heb nog nooit zoveel visitiekaartjes uitgedeeld. En uiteraard ook met andere deelnemers gesproken over data-archivering.

met dank aan Linepusle voor de foto

1 mei 2010

Emtacl10 Semantic Web Track

emtacl10:emerging technologies in academic libraries
Na de inspirerende presentatie van Anders Söderbäck (Libris) over het gebruik van Linked data bij Libris, werd deze track vervolgt met een korte presentatie van het nationale Noorse bibliotheeksysteem Bibsys.
BIBSYS Ask - the architecture (BIBSYS) Hans Gundersen
Hans beschrijft de ontwikkelingen rondom de federated search client van Bibsys: Bibsys Ask.
Die is ontworpen volgens het ‘Domain model’. Volgens Wikipedia is een domain model

The domain model is created in order to document the key concepts, and the domain-vocabulary of the system being modeled. The model identifies the relationships among all major entities within the system, and usually identifies their important methods and attributes
Dus ook een beetje het linked data model. Hans noemt verder nog de webservices API, die m.b.v. JSON zijn gemaakt.
JSON staat voor JavaScript Object Notation en is een deelverzameling van de programmeertaal JavaScript. Het wordt gebruikt voor het uitwisselen van datastructuren, met name in webapplicaties die asynchroon gegevens ophalen van de webserver zoals AJAX.
Als ik zo de Bibsys website bekijk is het best indrukwekkend wat ze allemaal doen. In de wandelgangen wordst druk gespeculeerd over het vervolg. Want Bibsys heeft namelijk een aanbesteding uitgeschreven voor een nieuw bibliotheeksysteem. Niet voor niets de aanwezigheid van OCLC als deelnemer. Op de website schrijven ze dat ze nu de uiteindelijke onderhandelingen ingaan. Spannend!

*
Terug naar de semantisch web track op de Emtacl10.
Towards the semantic desktop / Øyvind Hanssen (University of Tromsø)
Het semantisch web gaat over de manier waarop machines het web begrijpen / lezen. Dat kan met RDF (Resource Description Framework) in triples (subject, predicate, object).

Hoe kun je nu desktop resources als semantic web resources gebruiken: bestanden op je desktop (email, fotos, pdfs, webpagina’s) Hoe kun je dat interlinken? Bijv. via persoon, die een workshop heeft bijgewoond naar een paper en email.
De basis daarvan is een RDF repository, een soort database waarvoor je query kunt maken en die als inference engine kan dienen. Aanvullen met plugins en andere applicaties, adapters om bestaande bestanden te gebruiken en ev. ook handmatige annotatie (tagging), en een crawler die bestanden opzoekt. Een onderdeel kan ook zijn die van automatische metainformatie capture, en het beheer van de ontologie. De ontlogie staat centraal bij metadata management . Dat onderhouden zou een rol vna de bibliotheken kunnen zijn. Dit is alles nog slechts theorie. Actieve semantische desktops zijn er nog niet, wel als prototype met KDE. Bijvoorbeeld Nepomuk.

Practical production of linked data / Rurik Greenall (NTNU)
Rurik vertelt over het proces om de TEKORD thesaurus om te zetten in linked data. Daarvoor moest hij op zoek naar een converter-programma die vanuit zijn tekst naar een RDF/XML converter kon vertalen. Bij problemen heeft hij de vraag en antwoord site Semantic Overflow (voor vragen over semantisch web) geraadpleegd.

The strongest link: libraries and the web of linked data / Lisa Goddard and Gillian Byrne(Memorial University of Newfoundland)Ook de Canadese dames van de Universiteit van Newfoundland die na de lunch aan het woord kwamen spraken over RDF-conversies. Zij gaven ook een flink aantal programma’s die al een RDF-uitvoer in zich hebben, zoals Drupal. Fedora , Dspace en Eprints (eerste is CMS, laatsten worden gebruikt als repository software).
- Wijzelf hebben Eprints in de repository, daarmee zou je dus al naar RDF kunnen gaan. Dat moet ik eens nagaan, ook hoe dat zit met ons dataportaal. -
Waarom zou je willen overstappen naar linked data? Omdat je daarmee slimmer kunt linken, je kunt data integreren, vocabulaires koppelen en termen met meerdere betekenissen doorverwijzen. [De Engelse term disambiguation heeft in de Nederlandse Wikipedia ‘doorverwijspagina’als lemma).

Je kunt zowel relatie’s opvoeren en ernaar verwijzen als je eigen gegevens verrijken met inhoud uit externe bronnen.
Omdat bibliotheken al gewens zijn met metadata, en m.n. ook dublin core indeling te werken is er vanuit die groep een intitieatief om de overstap naar RDF te bestuderen de DCMI/RDA Taskgroup
Ze halen Eric Miller aan over de rol van de bibliotheek: de bibliotheken moeten de kracht van hun collecties gebruiken, Linked data betekent ‘the rise of the cataloguer’, er moet immers veel van metadata voorzien woden, er moet meer gethesaureerd worden en gewebificeerd. Bibliotheken moeten van elkaar leren en doorzetten. [Ik meen dat E. Miller sprak op de ALA conferentie: From Legacy Data to Linked Data: Preparing Libraries for Web 3.0.]
Een enthousiaste presentatie, maar ook alleen theorie. Ik hoorda aan de lunch van hen dat ze het zelf nog niet toepassen.

Modelling /Base Bibliotek/ as linked data / Kim Tallerås (Oslo University College)
Om met een pilot project linked data te testen hebben ze een dataset geleend van Nationale Bbibliotheek, een adreslijst van andere bibliotheken mb voor Ibl.
Deze hebben ze omgezet naar RDF (RDFization), er is een onotologie ontwikkeld een XSLT stylesheet ontworpen, vanuit Triple store, naar SPARQL testing , en hermodelleren.
Boek: How to publish linked data on the web
Kim meldde dat hij als amateurs sprak tot andere soortgenoten bedoeld dus voor ‘wandering amateurs” een collega twitteraar hoorde : “wondering amateurs”. Ach zijn wij niet beide...
Where are the killer apps? Niet gevonden (viel toch tegen dat omzetten van een adressenlijstje in een semantisch web format).

Als staart aan deze lange linked data / semantisch web-dag een tussenstap:
Open the silos – free the data: why an API is not enough / Patrick Danowski (CERN)
Bibliotheek catalogi zijn nu een gesloten silo zonder api mogelijkheid
Een api kan informatie toevoegen bij Library Thing, Google Books, Mashups
API kan geen datasets linken, en je kunt toegevoegde info ook niet indexeren, geen standaardformat, geen full text, geen browsing. Je kunt wel alle info via API downloaden, maar dat is niet de bedoeling, API is er niet voor gemaakt. Ook spelen er licentieproblemen bij Api’s
CERN Open bibliographic data project in Marc/XML, public domain license
Danowski’s advies : het gaat niet over full text, maar dat kan vanuit de bibliotheekpositieook niet, blijf dicht bij jezelf, wat kun je zelf doen om open access geschikt te maken.

Talis Aspire: Next Generation Resource List Management /Mark Bush (Talis)
Talis heeft het semantisch library-platform waarin alles samenkomt als project en zij geven een tijdschrift uit genaamd 'nodalities' over semantisch web.
Die Resource List Management tool zei me verder niks, maar een collegan leek het wel aardig om in Blackboard te hangen?)

Via Ronald vanuit Tweet kreeg ik nog de link van de TED presentatie van Tim Berners Lee over linkes data.

Overall conclusie: er is veel gaande op het gebied van linked data, RDF, concept web en semantisch web. Er worden kleine projecten uitgevoerd. De doorbraak killer applicatie is nog niet gevonden. Het kost toch wel behoorlijk wat moeite om over te schakelen, maar het enthousiamse is er niet minder om. Daar gaan we in de toekomst zeker meer over horen.