25 mrt. 2009

1e Surf Workshop onderzoeksdata

De workshop "primaire onderzoeksdata" bestond voornamelijk uit een 'break out sessie', waarbij we in 2 groepen van ieder 7 personen brainstormden over onderwerpen.

Die onderwerpen passen in een van de vier fasen van het 'Research data life cycle cycle'zoals door de Canadese Research Data Strategy Working Group is gedefinieerd in de publicatie: "Stewardship of research data in Canada: a gap analysis".
Die life cycle (bekende hergebruik-symbooltje met in een cirkel draaiende pijlen) omvat de fasen:
- productie
- disseminatie
- lange termijn beheer/management
- discovery + hergebruik

Van al de benoemde onderwerpen heb ik met behulp van Tagcrowd een woordenwolk gemaakt:



created at TagCrowd.com




Daarna konden we met z'n allen 'stemmen'op een van de onderwerpen om die aldus te prioriteren. Mijn prioriteiten zijn:
1) draagvlak creëren, door kennisontwikkeling en overdracht
2) controle op datakwaliteit, data modellen
3) internationale afstemming
4) beleid en eigenaarschap

Wat uiteindelijk de uitkomst zal worden zal de tijd ons leren.
Conclusie van de bijeenkomst is de oprichting van een Onderzoeks Data Forum naar analogie van een soortgelijk forum in de UK. Ik denk dat bedoeld we de UKRDS: de UK research data service feasibiblity study.
De bedoeling is om in bijeenkomsten te bespreken wat er noodzakelijk is om in Nederland het management van onderzoeksdata van de grond te krijgen.
Volgende bijeenkomst van dezelfde leden aangevuld met vertegenwoordigers van HBO en/of andere belanghebbenden/stellenden.

Workshop primaire onderzoeksdata

Straks naar de workshop “primaire onderzoeksdata”, die door Surffoundation op kleine schaal georganiseerd wordt om “het landschap van de primaire onderzoeksdata in kaart te brengen en een samenhangend beeld te creëren”. DANS en 3TU proberen ieder op hun terrein, resp humanioria en techniek, een platform te bieden voor het archiveren van onderzoeksdata. Surffoundation heeft al een aantal initiatieven genomen op het gebied van verrijkte publikaties (publikaties + data). En er is zelfs een LinkedIn groep “Digital Data Experts”.
Zelf worstel ik al sinds mijn aanstelling in 2007 met de opdracht ‘iets’te doen aan het archiveren van ruwe onderzoeksgegevens. Daarbij kwamen al snel een drietal problemen aan het licht:
- Wat zijn ruwe onderzoeksdata, hoe houdt je die gescheiden van bewerkte data, en hoe lever je die zo goed gedocumenteerd mogelijk aan?
- Waar sla je de gegevens op en hoe bewaar je ze en zorgt dat ze toegankelijk blijven, afhankelijk ook van toegangsrestricties ?
- Hoe faciliteer je dat er voldoende kennis en vaardigheden bij de onderzoekers is, en dat zij voldoende gemotiveerd zijn om, vanaf de start van het onderzoek data op te slaan en te archiveren?
De noodzaak om data te archiveren wordt ook nog niet door iedereen gevoeld, maar daar komt langzamerhand verandering in, nu sommige tijdschriften, bijvoorbeeld ook de ESA journals (tijdschriften van de Ecological Society of America), eisen gaan stellen aan het aanleveren van de bij een publikatie horende data.
Daarlangszij speelt het probleem van de digitale duurzaamheid: hoe bewaar je digitale gegevens zo, dat ze ook later nog bruikbaar zijn. Maar dat heeft niet alleen betrekking op data, maar ook op publikaties. Daar heeft de KNAW voor alle inststituten een tweetal seminars over gehouden en participeert in de NCDD (Nationale Coalitie Duurzame Data).
Normaal gesproken als ik niet goed weet hoe iets aan te pakken ga ik te rade bij de universiteiten, maar daar bleek ook geen hapklare procedure voorhanden te zijn over hoe om te gaan met wetenschappelijke onderzoeksgegevens.
Uiteindelijk hebben wij op het NIOO aangeklopt bij onze Vlaamse buur: het VLIZ (Vlaams instituut voor de Zee). Zij beheren het Marine Data Archive(MDA), waarin zij de onderzoekgsgegevens van onderzoeken verzamelen in datasets die dan op hun beurt weer kunnen worden geintegreed, met andere datasets.
Inmiddels hebben wij ons, met behulp van VLIZ aangesloten bij het MDA, en hebben zelfs een eigen dataportaal gekregen: Het NIOO-KNAW dataportaal.
Vanmiddag hoop ik meer te weten te komen over de aanpak, organisatie en methoden van omgaan met research data.Maar ook in het bewustworden en instrueren (en motiveren) van onderzoekers om hun data gestructureerd op te slaan en te archiveren.
We beginnen met een startnotitie , bekijken de stand vna zaken in binnen en buitenland en gaan dan de ‘issues identificeren’in break out sessies, waarna prioritering volgt. Ben Benieuwd.

24 mrt. 2009

Folder

Zojuist de nieuwe bibliotheekfolder gereed gemaakt.
Zie de schermafbeeldingen:




Of zie de hele folder

17 mrt. 2009

CWIS-NL 17 maart 2009

Mobiel…zijn we er klaar voor?
Wij wel, maar de techniek laat het soms nog afweten

De spreker van het Telematica instituut vertelde dat het onderzoek wat zij doen, een soort vooronderzoeken zijn samen met bedrijven die het later in een commerciële toepassing willen exploiteren. Onmiddellijke toepasbaarheid is dus nog niet zo geweldig, hoewel het me wel meevalt hoe makkelijk de basis gegevens, bijvoorbeeld nieuws op te vragen is via mobiel internet.

Jammer dat ik van mijn eigen mobiel internet (vodafone stick, mijn eigen ‘anywhere/anyplace’ device) gebruik moest maken voor internet verbinding, want de 802.1x authenticatie (WPA-Enterprise dus, waarbij je je tegen een login server aanmeldt) werkt niet op mijn Asus EEE met Linux. Heeft dan overigens ook geen zin om op Eduroam te gaan, werkt met dezelfde beveiliging. Lijkt overigens een beetje overbodig om in zo’n lokaal de wifi zo strak te beveiligen. Je zou toch gewoon aan een eenvoudige WEP-key beveiliging genoeg moeten hebben.

Kenmerkend is wel dat het meest innovatiefste gedeelte, het sixth sense filmpje van Pattie Maes van MIT lab, over convergerende mobiele applicaties uit een idee komt van Weiser uit 1996. Ik herinner me dat ik in 1998 of 1999 een college heb gevolgd bij prof. Hamelink aan de UvA (Communicatie), die vertelde over de technologische toekomstverwachtingen van ubiquitous computing door te vertellen over de denkende toiletpot, die meteen je zojuist geloosde stoffen kan analyseren en doorseinen naar het ziekenhuis. Niks nieuws onder de zon zou je zeggen. Maar langzamerhand begint het een en ander wel vorm te krijgen.

Het lijkt me trouwens best wel geschikt voor mijn nichtje. Ze komt af en toe bij ons logeren, in de hoop dat wij haar Duits en Frans een beetje kunnen helpen bijspijkeren. Die zou best wel baat hebben bij een mobiel WRTS overhoorprogramma voor de ‘verveelmomenten’.

Al met al wel een geschikte dag voor een overzicht over de stand van zaken bij mobiele internettechnieken. Samen met het overzicht van Ellyssa KroskiOn the move with the Mobile Web: Libraries and Mobile Technologies”. Met dank aan Jola Prinsen van Ticer voor link naar Ellyssa’s tekst.

Open vraag over de toekomstige CWIS bijeenkomsten, waar zullen we het over hebben, bijvoorbeeld over kennisdelen tussen universiteiten, over informatiearchitectuur, over statistieken…. We zullen zien.

Foto later toegevoegd

CWIS QR-code


Stefan van den Dungen Gronovius HAN I-media Praktijkervaringen QR-code.
Quick Response, code voor de mobiele telefoon die barcodes kan scannen en die gebruikt voor mobile tagging, ook shortcode en datamatrix. Nog niet op iedere mobiele telefoon, java nodig.
Lezen van barcode met Upcode.com

Bij HAN Digevent wordt gebruik gemaakt van een qr-code. De bedoeling is dat je die scant met je mobiele telefoon, met je camera.De meerderheid van de deelnemers hebben zich toch per sms aangemeld. Het eerst downloaden van de benodigde software voor je telefoon is toch een hobbel.

Via de QR-generator kun je de code omzetten naar een url.

CWIS Mobiel in Beweging

Christian Hesselman, Telematica Instituut Mobiel internet in beweging Multimedia, wordt NOVAY. Zelf werkt hij voor Europees convergentie-project.
trend 1: mobiele telefoon als sensor
' I – You – IT' Ik communiceer met jou in de omgeving.
Rijke omgeving, geeft context informatie (' real time context sharing' ), met een buddy kun je informatie delen. Automatic tagging, kenmerken zoals weersgesteldheid e.d. toevoegen. De Holiday recorder maakt daar automatisch een fotoboek met informatie uit.
Locatiebepaling binnen in een kantoorgebouw. Locatie van je vrienden op een plattegrond. lacaliseren van mensen binnenshuis via Bluethooth. op elke etage staan scanners die de mobieltjes scannen in de omgeving.
Project bijv. detectie vsan epilepsie-aanvallen bij patienten buiten.

trend 2: interface voor andere diensten (urban screen), presentatie-scherm en interactie (convergentie).
TV en mobiele vriendenlijst: zien waar je vrienden op dat moment naar kijken, uit te breiden met internetdiensten (bijv. spelletje). Dan kun je mobiel meespelen bijvoorbeeld.
Live tv + live mobiel: concert bijwoners maken foto's en sturen die naar vrienden die thuis op tv naar concert kijken.
Adaotive multimodale interfaces: meerde afspeel en interatieapparaten, systeem helpt daarmee. Gebruik van verschillende apparatuur, je neemt een film die je aan het kijken bent, mee op je mobiel.
Gescheiden werelden van web, tv, mobiele telefoon komen samen = convergentie.
Ubiquitous Computing (one person many computers) voorspelt door Mark Weiser in 1996.
Filmpje van TED over geintegreerde apparatuur, intelligentie overal. Pattie Maes van MIT Lab over ' sixth sense' indrukwekkend!

CWIS Mobiel Leren

Mobiel en onderwijs door Kirsten Veelo, Surfnet.
Filmpje over mobiel leren met pda's en kleine mobiele laptopjes. Kinderen leren op de locatie veel sneller dan in de klas. Voorbeelden uit Surfnet/kennisnet innovatieprogramma's .
Vooroordelen over mobiel internet: slechte dekking, traag, hoge kosten, klein scherm, slecht leesbaar, maar als je kijkt naar wat de aanbieders zelf beschrijven valt het allemaal wel mee. In ieder geval zijn er veel ontwikkelingen.
Wat betelent dat voor het onderwijs: adaptief leren, duale leertrajecten, 'normaal' onderwijs, ook sociaal contructivisme, dus samenwerken, met groepjes naar buiten toe.
Audio & video portals die worden aangeboden door universiteiten, ook sociale netwerken worden meer en meer voor onderwijs gebruikt. En als je altijd onine bent kan dat het leren een grote boost geven.
Mobiel leren = alles waarbij mobiele techniek wordt gebruikt. Kirsten geeft 2 voordelen:
* Anyplace/anywhere Tijd en plaats onafhankelijk leren, onderweg, in tussenuren en overal kan je er gebruikt van maken.EduApp, applicatie voor iPhone en blackberry.
* Context / immersief leren: naar buiten trekt om de buitenlocatie te verrijken, bijv. Frequentie 1550. Speelt een journaal uitzending af. Zie project ' De wered als leeromgeving'
Voorbeeld van pilotprojecten:
Placebo gecontroleerd onderzoek naar WRTS.nl overhoorprogramma, waarbij deel iPhone krijgen en andere t via desktop moeten. Surf en Kennisnet willen onderzoeken of leerlingen met de mobiele applicatie meer kunnen oefenen.
Ook onderzoek bij UMCG, waarbij de radiologiestudenten rontgenfoto's doorgestuurd krijgen, en zij kunnen daar op reageren en vragen beantwoorden.
Surfnet probeert via onderzoek de technische drempels te verlagen, onderzoek naar toestellen (devices), naar netwerken, authenticatie en veiligheid data). Zeonderzoeken ook de onderwijskundige drempels, is het een effectief en efficient leermiddel). Ook nog praktische problemen, niet iedereen heeft geschikt mobieltje.

Meer info over m-learning (mobiel leren) op de kenniswiki.

CWIS Mobiel Marketing

Mijn buurman is het niet zo met Toine eens. Je hoeftniet apart voor de mobiele telefoon ietsontwikkelen. Normaal hoef je alleen maar een stylesheet over je xml te leggen die de mobiel herkent als mobiel en dan kun je het op je scherm krijgen. Op het scherm van mijn mobiel lukt het inderdaad ook heel mooi.
In de pauze discussieren een aantal web-ontwikkelaars van universiteiten over het apart aanmaken van pagina's voor mobiel.
Joost Ligtvoet 'Inleiding op mobiel internet en mobile marketing'
eigen bedrijf over mobiel marketing.
Voordelen mobiel: - persoonlijk, effectief, innovatief, locatiebepaling, ispelen op context, interactief, doelgroep (15-35), snel en flexibel inzetbaar, medium van toekomst, mensen zoeken.
Meer dan 1 mobiele telefoon per persoon, meeste smsen, maar slechts 12% surft.
Iphone groeit snel, hiju laat zijn iPhone rondgaan. Probleem is dat er aparte applicaties = programmaatjes voor moeten worden gemaakt.
Het is nu nog gratis, omdat ze nog niet weten hoe ze het moeten afrekenen. Apple wilde alles in eigen hand houden, maar stuit nu commercieel op problemen om dit uit te breiden naar andere merken. Bij alle toepassingen geldt dat het probleem is dat je altijd eerst iets moet downloaden voordat het werkt = struikelblok. Gaat pas werken als het standaard in het toestel zit. Toepassingen zijn opt-in, je kunt er allemaal zelf voor kiezen, je profiel instellen en bepalen in hoeverre iedereen je gegevens mag zien.
* Op google telefoon ' augmented reality' ING pinlocator bijvoorbeeld, dan ziet je telefoon als je je camera opent waar je bent.Wikitune, krijg je ook informatie over een gebouw als je je camera erop richt.
* Barcode reading, lezen van allerlei barcodes, en meteen ook kunnen zien waar je het kunt kopen en tegen welke prijs (mediamarkt plakt nu al zijn barcodes af, aldus Joost). Andere vormen van barcodes' shotcode'
* Mobile payment, mobiel betalen, via RFID waarmee je rechtstreeks kunt betalen.
* Location bases services. Je kunt je registreren en je toestel signaleeert dan waar je bent, en je ID wordt dan oop de kaart gezet (Googe).
* Adfunded services – BLYK – gratis bellen en smsen in ruil voor advertenties (in NL nog niet).
Bluetooth campagnes als aanvulling op marketing bijv. Jilz (drankje)
* Mobile advertising, met sms, banners, mobiel zoeken (google)
* sms9009 Open Mobile Internet, adverteerders kunnen eigen advertentie kopen op veelgebruikte mobiele sites.
Joost geeft een paar leuke voorbeelden van campagnes die ze gemaakt hebben voor Koninklijke Marine (sms naar bezoekers voorlichtingsdag, zoveel mogelijk op persoonlijk profiel aanpassen), Kentucky Fried Chicken etc.
In het platform worden meer dan 2000 toestellen herkend, soort informatie dat dan via de mobiele site wordt aangeboden past zich daarbij aan. Ze zenden info uit in vier verschillende formaten: van postzegelformaat tot blackberryformaat.

CWIS Schrijven voor mobiel

Zaal is niet helemaal vol, er hebben zich 70 deelnemers aangemeld. Die zijn er nog niet allemaal, veel nieuwe gezichten. Ongeveer 10 mensen met een laptop, maar gelukkig wel elektriciteit. Er is ook draadloos internet, maar de inlognamen zijn nog niet vrijgegeven.

Toine Kamphuis, Hogeschool van Utrecht, Centrum voor Communicatie en Journalistiek , eerste spreker over ' Schrijven voor mobiel'
Begint al te zeggen dat het allemaal nog niet zo werkt. Hoewel veel mensen een mobiele telefoon hebben wordt er maar weinig gebruik gemaakt van de telefoon voor mobiel contact met internet.
Voorbeeld van NU.nl dat een standaardopmaak vertaald in kleinere vorm voor een mobiel scherm. Levert voornamelijk desillusie. Conversieproblemen bij het doorschuiven van bestaande inhoud naar mobiel zijn groot.

Toine heeft het alsmaar over dat we van pull naar push moet. Volgens zijn idee, past dat beter bij de consument. Gooit alles daarop om tot klantvriendelijkheid te komen.
Internet is nog steeds een pull medium, geen push en werkt altijd te traag. Verhouding beeld – tekst wordt verstoord door traagheid van laden van plaatsjes. Push internet, manier om trage internet te omzeilen. download informatie van sites op een door jouw bepaald tijdstip, continue updates downloaden, zodat het beschibaar is als je het wil.
Toine spreekt erg snel en schakelt van potentie naar obstakels en begint dan weer opnieuw. Ondertussen geeft hij aan dat de attentiespanne zeer kort is. Moderne mens hebben geen geduld meer.
De techniek bepaalt hoe je de content moet aanbieden, en dat is volgens Toine tenenkrommend. Maar schermpjes zijn klein en resolutie is niet groot. Je moet je daar toch bij aanpassen.
Tips voor schrijven voor mobiel:
* snelheid
* inverse structuur – belangrijkste bovenin
* overzicht – veel wit – scannable lay-out
* metacommunicatie – voorspelbare inhoud en expliciet over wat je kunt verwachten (microcontentlink = lees meer).
Ondertussen is de man naast me de voorbeelden, kieskeurig - telegraaf op zijn mobiel aan het volgen.
Kosten: veranderende markt van mobiele telefoons maakt het buitengewoon kostenineffectief. Of arbeidsintensief, automatiseren is moeilijk, want bestaande inhoud doorschuiven levert conversieproblemen. Alleen mobiel content aanbieden als het meerwaarde biedt in de mediamix, dus actueel.

in de collegebanken

Afgelopen vrijdag heb ik weer een college uit de serie Cutting Edge Ecology gevolgd.
Aan de Universiteit van Wageningen, naast buitenstaanders en leken, zoals ikzelf en een Wageningse bodemdeskundige, waren er een flink aantal studenten, 3e jaars.
Die zullen dus zo’n jaar of 20 zijn, schat. Voor een groot deel, niet helemaal maat toch, opgegroeid met een digitale wereld. Met tv en internet.
Tot mijn verbazing had (bijna) geen enkele student een laptop bij zich: iedereen maakte braaf zijn/haar aantekeningen met pen en papier. Op zo’n collegedictaat, die je uit de blok kunt scheuren en dan later in een multomap bewaren.
Die heb ik heel vroeger zelf ook wel gebruikt.

Ik heb er een van de studentes expliciet naar gevraagd. Ze zei: “Ja, de meeste van ons maken aantekeningen met pen en papier, ik was al verbaasd om u met een laptop te zien”.
[Ze zei ‘u ‘tegen mij, omdat ik als overjarige student (en dan ook nog eens met een (mini-) laptop) een beetje uit de toon viel].

In de gangen zie je wel WUR-studenten op een laptop werken, en op een van de vele aanwezige computers (kun je als buitenstaander niet op terecht, want je moet met je WUR-account inloggen). Maar in de collegezaal niet.
Die is er bovendien ook niet voor ingericht, want er is geen stopcontact te bekennen.
Dus in de pauze, gauw een stopcontact gezocht in de gang om mijn EEEtje op te laden.

Ook een internetaccount is niet beschikbaar, want - in sommige zalen – is wel draadloos internet, maar alleen als je over een WUR-account beschikt. Bezoekers niet welkom lijken ze te zeggen daar in Wageningen.

Enfin, een tip voor de nieuwbouw van het onderwijsgebouw: leg stopcontacten aan in de collegezalen en geef bezoekers een guest login, is wel zo vriendelijk.

En wat die studenten betreft: ben benieuwd hoe lang die collegedictatenblokken nog gebruikt blijven worden?

12 mrt. 2009

Endnote X2


De nieuwe versie van Endnote – Endnote X2 (12) heeft een fors aantal voordelen:
- Zoekinterface onderaan het presentatiescherm – toggelen met ‘Preview’.
o Er is ook nog steeds een ‘HIDE’-functie, zodat je dat onderste schermdeel niet ziet en alleen je overzicht.
- Quicksearch-venster in de menubalk.
- Outputstyle-venster is meer naar links geschoven op de menubalk.
- Outputstyles (en importfilters en connection-files) kun je nu in een zelf gedefinieerde plek op je eigen schijf opslaan. Te definiëren via de Preferences / Display Fields. )Hoera!!, nooit meer eigen styles kopiëren.
- Records krijgen automatisch een datum stempel wanneer ze zijn opgenomen (of geconverteerd uit een eerdere versie).
o Er is een veld “Added to the library”, die kun je in de display fields lijst zetten voor overzicht, je kunt er op zoeken, maar hij kan niet in een outputstyle (?)
- Sommige veldnamen zijn gewijzigd,
o “Electronic Resources Number” heet nu DOI. Wel makkelijker wat daar zetten we ook altijd de doi- link in
o “Link to pdf”heet nu File Attachments. Op zich niks mis mee, alleen de aard van het veld is veranderd, je kunt het nu niet meer selecteren in de Change and Move Fields optie en/of de Change text optie. Met interne PDFs is dat niet nodig, maar voor een bestand, waarbij we de PDFs extern opslaan en met een link ernaar verwijzen is dat wel lastig, want in het veld File Attachments kun je dus de URL niet meer aanpassen.
- Summary´s kun je opvragen per record en per library. Dat geeft een overzicht van data en allerlei andere attributen.

En dan de drie allerbelangrijkste toevoegingen:
- Groepen. Je kunt records groeperen in aparte groepen. Records kunnen in meerdere groepen voorkomen en je kunt een hele groep manipuleren, of er verder mee werken.
o Er is ook een ‘smart group’. Daarmee kun je een zoekvraag vastleggen in een groep. Nieuwe records die dan je Endnote library binnenkomen en voldoen aan die zoekvraag worden automatisch in die groep geplaatst.
- Find Full text . Je kunt de full text van een artikel dat in een record genoemd wordt op vragen als er een DOI, PubMed LinkOut, of ISI Web of Knowledge Full Text Links is opgenomen. De full text wordt dan meteen als PDF opgenomen in je Endnote en kun je terugvinden in de File Attachments. Met het aanklikken van een commando heb je dus zomaar een aantal pdfs in je Endnote Library!!!
- Trash. Gooi je een record weg uit de Endnote Library, dan kon je dat vroeger alleen maar tijdens de sessie herstellen door een ’revert’ commando. Nu komt een ge-delete record ‘gewoon’ in de prullenbak (en kan er dus ook weer uit.


11 mrt. 2009

Cutting Edge Ecology 2009

Onder dezelfde titel als 2 jaar geleden gaan we van slag met Cutting Edge Ecology. De intro lezing van Louise Vet heeft dezelfdetitel 'Ecology; the necessity, the challenge, the cutting edges, the NIOO' .

Eens in de 2 jaar wordt de cursus gegeven voor studenten en belangstellenden. Dit jaar zal er meer nadruk liggen op moleculaire ecologie.

Ecologie als wetenschap is de studie van de interacties van organisme op hun (veranderende) omgeving. De noodzaak tot het bestuderen van de ecologie ligt in de veranderingen die zich op onze planeet voltrekken, met name de klimaatverandering en het daarmee samenhangende verlies aan biodiversiteit.

Ecologische kennis, aldus Louise, is noodzakelijk voor iedereen in verband met voedselproductie - i.c. de beheersing van plaagdieren, milieuproblemen zoals gifitige blauwalgen en het streven naar duurzaamheid, met name het hergebruikprincipe van het cradle-to-cradle concept.

De uitdaging ligt in het begrijpen van de biosfeer, de structuur en het functioneren van de ecosystemen en het belang van de aarde.

En wat zijn nu de ‘cutting edges’, ofwel het baanbrekende onderzoek op dit terrein?
Dat zijn met name de combinatie van genomics en moleculaire ecologie. De ‘omics’-instrumenten zijn allemaal een bijdrage aan het beter begrijpen van de ecosystemen (genomics, metabolomics) dat geeft het onderzoek naar de mechanismen die invloed uitoefenen op de evolutie een toegevoegde waarde.
Ook de microbiele ecologie met zijn nog 95% onbekende en ongeidentificeerde organismen biedt veel baanbrekende onderzoeksactiviteiten.Onderzoek wordt bijvoorbeeld gedaan naar de biochemische potentie van enzymes. De studie van microbiologische processen naar ecosysteem kringlopen is een studie naar complexe systemen.
Het NIOO participeert ook in het Darwin Centre for Biogeosciences waar bio-geoshere interactie wordt bestudeerd.

Deze eerste dag kregen we na de pauze een introductie van Marcel Visser over de gevolgen van de klimaatverandering voor koolmezen. Onder de titel ‘Climate change breaks up ecological relationships’ liet hij zien dat omdat de temperatuurstijging voor de rupsen een andere betekenis heeft dan voor de koolmezen, de vraag naar rupsen (=voedel) en het aanbod van de koolmezen (jong die voedsel nodig hebben) niet meer synchroon valt. Koolmezen leggen onder invloed van de temperatuur weliswaar eerder, maar de temperatuur nadat ze de eieren gelegd hebben is niet meer van invloed, terwijl de rupsen juist uitbundig gaan groeien als het warm is iets later in het voorjaar (als de koolmezen dus al eieren gelegd hebben).
Het onderzoek gaat vervolgens in op de vraag of en hoe de koolmezen zich aanpassen aan hun veranderende omgeving (temperatuur en voedselaanbod) en hoe snel die aanpassingen gaan. De grote vraag is of de koolmezen gelijke tred kunnen houden met de rupsen.
Maar tot nu toe is de conclusie dat klimaatverandering leidt tot een ‘mistiming’in voedselaanbod en voedselvraag.

Overigens zijn op de website van Beleefdelente van Vogelbescherming Nederland de verrichtingen van een van NIOO’s koolmezennesten te volgen via de webcam.

2 mrt. 2009

Cutting Edge Ecology 2009


Ook dit jaar weer wordt een nieuwe serie baanbrekende ecologie-onderzoeken besproken in de serie Cutting Edge Ecology.
2 jaar geleden heb ik, als introductie in de ecologie, de cutting edge serie gevolgd. Ik was net nieuw begonnen op het instituut en wist eigenlijk van niks. Mijn belangrijkste bezigheid was toen het verzamelen van termen.
Ben benieuwd of ik het inmiddels allemaal wat beter kan volgen.
Het wordt nu in het nieuw Forum gebouw van de Universiteit Wageningen gehouden.
[Ik wil dan ook zeker een van die vrijdagen bij de tentoonstelling langs in de bibliotheek afd. Speciale collecties (The evolution of Darwin).