26 jan. 2009

Namen in citatierapporten

Afgelopen weken ben ik druk in de weer geweest met het samenstellen van citatierapporten.
Dat kun je tamelijk eenvoudig doen in Web of Science door op auteursnaam te zoeken en dan CITATION REPORT aan te klikken. Je krijgt dan de gevonden artikelen gesorteerd op het aantal malen dat het geciteerd is, en bovenaan een mooi grafiekje met aantal publicaties, gemiddeld aantal citaties per artikel en h-index. De h-index is het snijpunt van het aantal publicaties met het aantal citaties.
Dus h-index is 3 als het derde artikel 3 citaties heeft, en 6 als het zesde artikel 6 citaties heeft.
Mooi overzichtelijk zou je denken,
Ik heb 61 citatierapporten gemaakt en van slechts 8 personen was de auteursnaam over de gehele linie dermate consistent dat ik met een enkelvoudige zoekopdracht kon volstaan.
Bij alle anderen moest ik allerlei truckjes toepassen om tot de gewenste lijst te komen.
De meest bekende is het probleem dat Web of Science heeft/had met namen met voorvoegsels. Pas vanaf 1995 worden de voorvoegsels niet meer aan de naam geplakt. Voorheen was het altijd VANDERHEIJDEN, sinds 1995 is het VAN DER HEIJDEN. Vermits natuurlijk de voorvoegsels niet als tweede en derde naam worden gezien. Dat betekent dus voor alle mensen met voorvoegsels zoeken op de losse achternaam, op de variant met aaneengeplakte voorvoegsels, op de variant met losse voorvoegsels.
Met leestekens (umlauten en accenten) werkt Web of Science al helemaal niet. Dat betekent datje voor de Duitse varianten van bijv. G├Âthe moet zoeken op de afgekapte vorm GOTHE, maar ook op de getranscribeerde vorm GOETHE. Om over volledig getranscribeerde namen maar te zwijgen.
Stap een is de achternaam goed hebben en dan volgt de voornaam, de initiaal, of de initialen. Dan pas zie je hoe weinig consistent auteurs hun eigen naam redigeren. Heet je bijvoorbeeld Richard Anton Christoph, dan kan het worden RAC, of RA, of R, of D. Gelukkig kun je met de auteursindex wel makkelijk de auteurs kiezen. Speciale tools als Author SET en Author FINDER werken niet goed, geven consequent een te lage recall.
Dat maakt het allemaal behoorlijk lastig. Uiteraard zijn er soms nog andere auteurs die dezelfde naam hebben, en helaas ook dezelfde initialen. Dan moet je een tweede zoekkeuze maken.
Ik probeer dan meestal te zoeken op de affiliatie of het adres van de instituten waar de betreffende onderzoeker gewerkt heeft. Meestal lukt dat wel, als je er tenminste achter komt waar dat was. Goed is ook als er een duidelijk tijdsverschil zit in de jaartallen dat een onderzoeker actief is. Dan kun je de publicatiejaren als zoekvraag meegeven. (Niet meer dan 10 helaas).
Een laatste toevlucht kan het ‘refinen’ zijn. Maar het probleem van het refinen is dat je het niet kunt bewaren, dus je kunt daarmee geen sets maken. Bovendien als je refined op Subject categorie, zit je met die merkwaardige, inconsistente indeling in onderwerpsrubrieken van Web of Science. Het zijn meestal de onderwerpscategorie├źn waartoe het tijdschrift hoort. Bijvoorbeeld Multidisciplinary Sciences heeft vaak betrekking op artikelen gepubliceerd in SCIENCE of NATURE . Meestal kan ik wel redelijk makkelijk geneeskundige onderwerpsgebieden uitsluiten (exclude).

Ik had gehoopt dat het ResearcherID een hulpmiddel zou zijn bij het samenstellen van de citatierapporten. En dat is het ook, want de onderzoeker weet zelf wel wat hij gepubliceerd heeft. Helaas heeft de ResearcherID site een storing, volgens de technische support op “ the format of your name” , en dan bedoelen ze NIOO. Althans ik hoop dat iedereen onze formele naam gebruikt: Netherlands institute of Ecology, NIOO-KNAW. Trouwens ook het zoeken daarop is in Web of Science niet zo eenduidig (althans, het zoeken wel, maar het vinden laat te wensen over). Meestal zoek ik op Netherlands Inst Ecol OR NIOO.
Enfin, het is weer gereed, ik kom uit op een gemiddelde van 20 citaties per publicatie en een gemiddelde h-index van 15. Dan zijn de senioronderzoekers, maar ook alle postdocs meegerekend.
De grafiekjes zijn altijd wel veelzeggend, hieronder die van het NIOO.


Geen opmerkingen: