28 aug 2008

Oude jaargangen tijdschriften

We hebben besloten om een aantal jaren de backfiles van het tijdschrift Nature aan te schaffen. Vanaf 1987 tot heden.
We hebben het gedrukte tijdschrift nog in de kast staan en wel de jaargangen van 1951tot en met 1994. Met onze backfiles aanschaf kunnen we dus de jaargangen 1987 tot en met 1994 uit onze opslagruimte verwijderen.

Vroeger was er een project Netherlands Periodical Project van NUFFIC. Daar kon je ‘oude’ en dubbele jaargangen tijdschriften naar toe brengen en zij zorgden dat die naar ontwikkelingslanden gingen.
Op de NUFFIC site zelf is geen NPP meer te vinden, bij het zoeken krijg je nog wel een regeltje te lezen over wat er eerst heeft gestaan:” The NPP has as its objective the support of scientific libraries in developing countries by providing them with scientific publications. - The NPP coordinator makes sure that the libraries overseas receive only relevant, useful materials. The NPP coordinator first makes an inventory of what the libraries need and then tries to meet this demand with surplus periodicals and books which Dutch libraries are willing to donate"

We hebben vorig jaar nog deelgenomen aan een onderzoek naar een voortzetting van NPP, daar is ook een rapportje van gekomen. Het voorstel was kort samengevat toch om het project te herzien en te bekijken hoe je online toegang kunt regelen.

Van het Nuffic hebben we niets meer vernomen.
Wel zijn er inmiddels een aantal projecten om ontwikkelingslanden online toegang te geven tot tijdschriften.

Een voorbeeld daarvan is OARE, een publiek-private organisatie van UN m.m.v. uitgevers.
“ Online Access to Research in the Environment (OARE), an international public-private consortium coordinated by the United Nations Environment Programme (UNEP), Yale University, and leading science and technology publishers, enables developing countries to gain access to one of the world's largest collections of environmental science research. “
De universiteit van Hasselt heft in samenwerking met Ebsco de open science directory opgezet:
“ Open Science Directory contains collections of Open Access Journals (e.g. Directory of Open Access Journals) and journals in the special programs (Hinari, Agora, OARE). Other programs will be added in the near future: INASP-PERI, eJDS.”

Mooie initiatieven. Het lijkt me ook veel beter om online toegang voor ontwikkelingslanden te organiseren dan om ons afgedankte materiaal naar ze op te sturen. Afgelopen zaterdag stond er nog een treffend stukje over in het Volkskrant Magazine, over een Surinaams scholhoofd, die behoorlijk baalde van de oude troep die hij als goed bedoelde ontwikkelingshulp krijgt opgestuurd. Hij wil en vind dat zijn leerlingen recht hebben op kwalitatief hoogstaande literatuur. En terecht.
[Het artikel kan ik niet meer vinden, wel de originele oproep van de hoofdredacteur om boeken aan Suriname te schenken, waarop het commentaar van het schoolhoofd een reactie was.)
De oude jaargangen gaan dus maar in de oudpapier doos.

25 aug 2008

PI's en NBN's


Vorige week op bezoek bij DANS. DANS is het instituut van de KNAW (een zusterinstituut dus) met als volledige naam Data Archiving and Networked Services. Bij Dans zijn ze bezig met het ontwikkelen van een Data keurmerk (Data Seal of Approval) en met het opstellen van richtlijnen voor een Trusted Digital Repository.
“DANS zorgt sinds zijn oprichting in 2005 voor de opslag en blijvende toegankelijkheid van onderzoeksgegevens in de alfa- en gammawetenschappen. Daartoe ontwikkelt DANS zelf duurzame archiveringsdiensten, bevordert het dat anderen dat doen, en werkt samen met databeheerders om ervoor te zorgen dat zo veel mogelijk data vrij beschikbaar komen voor gebruik in het wetenschappelijk onderzoek.”
Ze beheren zelf EASY (het Electronic Archiving System) voor het opslaan van wetenschappelijke data uit humaniora en sociale wetenschappen.
Omdat wij zelf zo in de weer zijn met het archiveren van wetenschappelijke data leek het wel interessant om eens met Dans van gedachten te wisselen.
Behalve de afkortingen DANS, DSA, EASY en TDR heb ik nog veel meer afkortingen geleerd.
Bijvoorbeeld DAI (Digital Author Identificer), niet te verwarren met DOI (Digital Object Identifier) en over Persistent Identifiers.
Persistent Identifiers zijn nummers die blijvend een object (link) vertegenwoordigen.
Een DOI is zo’n persistent identifier, die beheert wordt door de International DOI Foundation, uitgaande van de uitgevers.
Voor Dare(Digital Academic Repositories), tegenwoordig opgenomen in NARCIS (National Academic Research and Collaborations Information System) willen ze nu pi’s gaan ontwikkelingen in de vorm van NBN’s (National Bibliographic Numbers). National Bibliographic Numbers zijn URN Namespace ID’s, ontwikkeld door de Nationale Bbibliotheek van Finland. URN staat voor Uniform Resource Name, en de achterliggende bedoeling daarvan is de problemen op te lossen die URL’s (Uniform Resource Locators), de adressen op internet, veroorzaken doordat ze een zinvollere en meer permanente betekenis krijgen.

Hoe ziet zo’n NBN eruit:
urn:nbn:nl:ui:13-051-ru0

UI nr 13 is DANS-EASY. Je kunt de PI zien als je bij EASY Dans een onderzoek opvraagt (bijvoorbeeld over VOC) en dan in de Full Description kijkt. Deze NBN kan dan gebruikt worden als link naar deze plek waar de digitale data ligt opgeslagen. De link linkt overigens naar de metadata.

Ik heb er een verhelderend rapport over gevonden van de ECPA (European Commission on Preservation and Access (wist trouwens niet dat dat bij KNAW was ondergebracht. En nu ik het wel weet heb ik er niet zo veel meer aan want ze gaan sluiten). Het rapport heet Implementing Persistent Identifiers van Hans-Werner Hilse en Jochen Kothe en is uit 2006.

24 aug 2008

30 jaar bibliothecaris

Om nog even terug te komen op mijn vorige logje.
30 jaar is een hele tijd, maar het is wel een fascinerende tijd geweest.
Het vak van bibliothecaris (zo noem ik het toch nog steeds) was in deze afgelopen 30 jaar een en al dynamiek en beweging. Zeer in tegenstelling tot het soms wat stoffige imago, is het beroep van bibliothecaris hectisch, innoverend en veelzijdig. Je blijft leren en nieuwe einders ontdekken. In de afgelopen 30 jaar heb ik ieder jaar ten minste een cursus gevolgd en ik blijf nog steeds nieuwe dingen ontdekken.
Tijdens de opleiding heb ik de overgang meegemaakt van parochiebibliotheken naar openbare bibliotheken, in bijna alle Nederlandse gemeenten. De opkomst en nu weer de ondergang van de bibliobus en de tijdschriftencirculatie en de veranderende gedaante van de catalogus, de uitleen(administratie), het ibl. Maar wat is gebleven is de ondersteuning van de bibliotheekgebruiker, het verstrekken van informatie in de vorm van antwoorden, instructie en het aanbieden van (toegangen tot) bestanden en boeken.
In 1999 heb ik nog eens een werkstuk gemaakt over de ‘veranderende rol van de informatie professional’ (in het kader van mijn doctoraalopleiding in de boek- en informatiewetenschap.
De twee stellingen daaruit:
• Naar beroepsopvatting zijn twee soorten informatieprofessionals te onderscheiden:”collectieblijvers” en “collectievlieders”
• Traditionele beroepen als bibliothecaris, documentalist, literatuuronderzoeker en journalist convergeren tot “content manager”
Het heeft ook te maken met de grootte en soort van de bibliotheek waarin je werkt. Bij een universiteitsbibliotheek met een omvangrijke collectie en grote gebruikersaantallen is ook het werk en de beroepsomschrijving van de bibliothecarissen gedifferentieerd.
In een kleine bedrijfsbibliotheek, of bibliotheek van een klein onderzoeksinstituut ligt de nadruk sowieso meer op gebruikersondersteuning dan op bezitsvorming en –beheer. Maar dat was 30 jaar geleden niet anders. Alleen was er vroeger veel meer administratie te doen met al die kaartenbakken voor catalogus-, uitleen en circulatiekaarten. En alleen al het inschrijven van een hele stapel tijdschriften was al een klus op zich.
En natuurlijk de opkomst van de ICT in de bibliotheek. Eerst nog schoorvoetend, in de vorm van een machine voor het aanmaken van cataloguskaarten en later volop met elektronische boeken en tijdschriften en een volledig geautomatiseerde catalogus en uitleen.
In 1978 stuurde ik ingevulde voorbedrukte formulieren met een aanvraag naar de Bibliotheek van de TU Delft en nu sturen we een aanvraag per mail door in een voorgedefinieerd format.
In de vroege e-tijd kon je nog wel eens literatuuronderzoek doen voor een onderzoeker in buitenlandse databanken. Dat deed niet iedereen zo maar zelf omdat dat ingewikkeld (zeker in de tijd van voor de opkomst van het WWW) en kostbaar (taxi-tarief) was. Inmiddels zijn de eindgebruikers zo ver ‘empowered’ dat het heel normaal wordt gevonden dat hij alles zelf doet en overal zelf toegang toe heeft. Ik ben benieuwd hoe dat nu verder gaat, of we inderdaad, zoals John Mackezie Owen zegt (in het WTR-trendrapport) naar een volledig ‘open access’ wereld toegaan, waar zelfs het organiseren van toegang geen aparte taak meer is, want alles is al toegankelijk.
Het wordt wel steeds leuker en socialer. De kern van samenwerking toen en nu blijft het face-to-face contact en de uitwisseling van gegevens op persoonlijke basis. Maar er is al zoveel meer mogelijk met gebruikmaking van allerlei web-technieken, het maken van een virtuele bibliotheek (onderwerp van mijn afstudeerscriptie in 2001) en nu als laatste de web 2.0 social tools. Aan de andere kant zei een (het jongste) lid van onze bibliotheekcommissie vorige week nog, dat samenwerking toch het beste in persoonlijke ontmoetingen vorm kan krijgen.

17 aug 2008

Jubileum



Deze maand ben ik 30 jaar werkzaam als bibliothecaris/documentalist. Op 1 augustus 1978 ben ik in dienst getreden van het Gemeente-energiebedrijf in Amsterdam als ‘medewerkster bibliotheek’. De taakomschrijving luidde:
“verrichten van bibliotheekwerkzaamheden in de ruimste zin, omvattende onder meer: tijdschriftencirculatie; documenteren van boekwerken en artikelen uit tijdschriften; assisteren van de bibliothecaris bij het verzamelen, beheren, toegankelijk maken en beschikbaar stellen van literatuur en documentatiemateriaal; vervangen van de bibliothecaris bij diens afwezigheid”.
Mijn sollicitatiebrief was handgeschreven, mijn aanstellingsbrief getypt op een tikmachine.
In 1976 ben ik afgestudeerd aan de Frederik Muller Akademie (BDA) en daar heb ik als afstudeerscriptie geschreven over ‘Computertoepassingen in Nederlandse en Belgische bibliotheken’. Dat ‘Belgische’ had ik speciaal toegevoegd omdat er alleen in Nederland nog niet veel beweging was. Pica was al wel van start, maar kampte (toen al) met problemen. Prachtig is ook mijn beschrijving van de ponskaarten die de koning Albert I bibliotheek gebruikte. Och ja, die goede oude tijd!
Maar is er nou echt veel veranderd? Voor mijn gevoel wel: alles is nu gecomputeriseerd, tijdschriften zijn online op pdf niveau toegankelijk, dus circuleren is er niet meer bij. De knipselkrant, die wij destijds met – letterlijk- knippen en plakken maakten, wordt nu ook online geleverd. Maar kijk je naar de kwesties die speelden en nu spelen dan lijkt er toch niet zo gek veel veranderd. Toen zat ik op het GEB in het onderzoek naar alternatieve, duurzame energievormen, nu hebben we het op het NIOO over duurzaamheid en cradle-to-cradle. Niks nieuws onder de zon, zou je zeggen. En als je naar de titels kijkt in het tijdschrift ‘Library and Information Science’ dan zie je dat het nog steeds gaat over catalogi, bibliotheekinstructie en citatie-indexen. Ik wilde in eerste instantie kijken naar de inhoudsopgave van het tijdschrift OPEN (voorloper van de Informatie Professional) van 1978, maar die kon ik nergens vinden.
Ter vergelijking hier dus de titels van de artikelen uit Library and Information Science uit 1978 en uit 2007.
1978
- Book indexing as a tool for reading
- Woman librarianship
- Ambiguity and insufficiency in the nippon cataloging rules
- Citation analysis - economics - journal-of-economics
- Invisible college - diffusion of knowledge among political scientists in japan
- Network of hospital library-service
- Evaluation of ir-oriented programming languages for the implementation of clinical record retrieval systems
- Survey of the papers by japanese oto-rhino-laryngological researchers published in western journals using science-citation-index, 1967-1976
- ntroductory study on library instruction for academic-libraries with special reference to a comprehensive program of user education for general libraries
- Some reflections on library and bibliographic service in japan and britain
- Analysis and evaluation of factors of libraries of banking institutions in japan
- Compilation of a remote-sensing thesaurus
- Required and optional textbooks used in education for library and information-science in japan
- International scientific journals and trends of contribution using science-citation-index file 1976
2007
- Multivalued co-citation measure based on semantic distance between co-cited papers in a citing paper
- Current state of outsourcing in special libraries in Japan
- Characteristics of works in a Japanese library catalog from the view point of FRBR: A case study of Keio University Library OPAC case study
- Children's eye movement while reading picture books
- A case study on learning and teaching support provided by Earlham college library
- The effect of judicial system reform on Japanese law libraries
- Academic library service for the next decade
- A trap of intellectual freedom: What brings the confidentiality of user information to Japanese public libraries?




31 jul 2008

ThomsonReuters nieuws

Zoals Wouter al schreef heeft ISI Web of Knowledge uitgebreid met een functie Citation Mapping.
Ik wilde dat ook eens uitproberen, maar zag net zo gauw hoe of wat. Dus maar naar de site van Thomson voor instructie. Nou mooi niet. Er is wel instructie, maar niet in gewone taal. Er is zo’n vervelende brainshark videoproductie gemaakt. Ik vind dat vervelend omdat het eindeloos duurt zo’n presentatie, terwijl als je het gewoon als tekst opschrijft, je het zo gelezen hebt. Bovendien kan ik hier in Heteren die brainshark niet draaien. Onhandig!!!
Volgens Wouter is het citation-mappen een bijproduct van het ThomsonReuters Innovation, dat een R&D award heeft gewonnen. Nieuwsgierig als ik ben, ben ik aar eens gaan kijken bij het R&D Magazine, die die prijzen uitreikt. Het gaat allemaal over laboratoriumapparatuur, voor zover ik kan zien. Een motivatie kon ik niet vinden. De introductiesite voor het innovatieplatform van ThomsonReuters laat zien dat het hierbij gaat om octrooien en om marketing. Marketing en innovatie zitten natuurlijk erg dicht bij elkaar. Met een goede marketing kun je zelfs oude broodjes als vernieuwend verkopen (of zoiets). Moqub geeft in haar log een keurige inleiding over marketing, maar in de praktijk zweeft er toch een geur van oplichterij omheen.
Enfin, ik zie niets over citation mapping. Ben waarschijnlijk niet bèta genoeg om erbij te kunnen.:-)

O, toch wel. In de gewone HELP van Web of Science staat een uitleg. Je gaat uit van een Full Record, daar staat een Citation MAP knop en vervolgens kun je aangeven of je voorwaarts en/of achterwaarts wilt mappen en hoe diep.Tsja en dan. Het ziet er leuk uit, maar ik had gehoopt iets meer te zien over de relaties tussen de auteurs die geciteerd worden en die zelf citeren. Dus uitgaande van publicatie X, daarin worden 10 oudere publikaties geciteerd, maar diezelfde X wordt zelf ook weer tien keer geciteerd. En zit er nu verband tussen geciteerden en citeerders? Dat zie ik nog niet. Maar het ziet er wel leuk uit en is wellicht een opstapje daartoe.

Terwijl ik op de site van ThomsonScientific aan het rondkijken was, zag ik dat er een nieuwe ‘white paper’ is uitgebracht over Bibliometrics “Using bibliometrics in evaluating research” . Altijd interessant om daar iets over te lezen, temeer daar Thomson toch nog – althans voor ons – het centrale bedrijf is voor de bibliometrische gegevens. Dus een gratis download aangevraagd. Helaas was er geen keuze ’Nederland’ voor het verplichte land-veld, dus heb ik mezelf maar in België geplaatst:-)

En de login namen voor Web of Knowledge, ResearcherID en EndnoteWeb zijn samengevoegd. In mijn feedback had ik daar ook om gevraagd. Dus dat gaat de goede kant op. Nu nog een sorteeroptie in ResearcherID.

28 jul 2008

Access Vervolg

Cursus Access Vervolg in 2 dagen bij Twice. Het cursusmateriaal is gemaakt door The Courseware Company. Nu zie ik dat de cursusboeken gewoon te koop zijn voor 40 euro. De cursus bestaat uit 5 modules: de modules 5 tot en met 9, eerst een verhalende beschrijving, een overzicht van de procedures en vervolgens opdrachten. Twice koopt dit cursusmateriaal in samen met alle voorbeeld databases. Vanuit een database zijn allemaal kopietjes gemaakt, die de situatie weergeven van een bepaalde fase in het ontwikkelproces van de database. Zo kun je met telkens een nieuwe database oefenen.
Wat zat er in de cursus: formulieren, macro’s, vba, beveiliging en beheer, integratie.
Eerst formulieren, subformulieren en gekoppelde formulieren met daarbij behorend het opbouwen van expressies (berekeningen) en het gebruik van besturingselementen m.b.v. de werkbalk besturingselementen. In het begin moet ik nog erg wennen aan de manier van werken in het boek. Het telkens opstarten van andere databases en het volgend van de uitgeschreven demo’s. Ook merk ik iedere keer weer, dat ik nog steeds niet helemaal muisvaardig ben, zeker niet waar het gaat om de knoppen precies op de goede plek te zetten. Gelukkig kun je het met het formulierontwerpgrid uitlijnen.
Met macro’s kun je verschillende acties achter elkaar laten uitvoeren. . Door opdrachtknoppen toe te voegen aan een formulier en daar actie-macro's aan vast te knopen maak je de navigatieknoppen overbodig. Die verwijder je dan via opmaakmenu. Ook kun je met behulp van databasehulpprogramma’s een schakelbord maken. Vroeger was dat dacht ik standaard, nu kun je het zelf aanmaken en bewerken als formulier. Er zitten wel beperkingen op, want hij geeft standaard 8 opties, en als je daarvan een wilt weghalen geeft hij een foutmelding.
Met Data Access Pagina’s kun je formulieren maken in HTML, die via Internet kunnen worden ingevuld. (Is er in Access 2007 al weer uit, advies is om dan SharePoint Services te gebruiken).
Het VBA, Visual Basic Applications stelt niet zoveel voor. Het geeft een blikje in de mogelijkheid die je hebt om achter ieder object een programmacode te hangen, waardoor er een évent’ kan worden uitgevoerd. Belangrijkste is het commentaarteken (apostrof), het commando voor het declareren van de variabelen ‘Dim’ en voor het ophalen ‘Me.’ Beetje oefenen met voorwaardelijke procedures If.. then..else, waarbij de notatie onder elkaar belangrijk is anders begrijpt hij het niet.
Een eyeopener voor mij zijn de beheersinstrumenten, die ervoor zorgen dat je bijvoorbeeld vanuit een Excel sheet, zo een database kunt maken. De analysetool geeft een suggestie voor het aanmaken van tabellen, dus eig. het opsplitsen van de gegevens in tabellen. Ook kun je controleren of je database wel consistent is opgebouwd.
En het maken van replica’s, zodat je met meerdere mensen op meerdere locaties in de database kunt werken en die later kunt synchroniseren. Een andere variant is die waarbij je de database tabellen centraal beschikbaar stelt en iedere gebruiker kan daarop zijn eigen queries, formulieren en rapporten maken: de front-end back-end oplossing.
Het is wel duidelijk dat dit niet (meer) de beperkte Access is uit de kinderjaren. Er zitten aardig wat mogelijkheden in. De 2007 versie is behalve uiterlijk (met het nieuwe office lint) ook intern veranderd doordat de database structuur helemaal gewijzigd is. Er wordt nu een xml-structuur gebruikt, weliswaar een Microsoft XML met diverse data definitietabellen, maar de xml-mogelijkheden bieden zich dus al aan.
Wanneer maak je nu een nieuwe database? Wanneer er een samenhang is en dagelijkse noodzaak gegevens samen te gebruiken. Het gebruik van Access houdt op daar waar complexe berekeningen moeten worden verricht. Over database design: er is een proces van data-analyse (Codd) dat normalisatie heet en dat uiteindelijk de gegevens kan terugbrengen tot entiteiten. Dat wil zeggen tot welke tabellen en gemaakt moeten worden. Basisgedachte is dat samenhangende gegevens een object = een entiteit zijn en dat zijn alle gegevens die afhangen van een en dezelfde sleutel. Zijn gegevens niet afhankelijk van dezelfde sleutel dan kun je stellen dat het een andere entiteit is en dus een aparte tabel voor gemaakt moet worden.
Codd had ik al eerder gevonden met zijn boek over het relationele database model. Van de Twice docent krijg ik nog wat extra documenten om door te lezen.
Al met al was het toch wel een nuttige exercitie, hoewel ik me afvraag of ik het ook niet gewoon thuis had kunnen doen. Maar ja, ga er dan maar eens 2 dagen voor zitten.

23 jul 2008

Endnote veldcodes in Word

De referenties uit Endndote worden als veldcode in Word opgenomen.

• Normaal, bijv. In opmaak voor het Journal of the American Society of Information Technology ziet een referentie er zo uit:
(Garfield, 1979)

• Ongeformateerd is dat:
{Garfield, 1979 #279}

• En met de optie Toon Veldcodes (Atl+F9) in Word (scherpe haken vervangen door vierkante om t zichtbaar te maken):
{ADDIN EN.CITE [EndNote][Cite][Author]Garfield[/Author][Year]1979[/Year][RecNum]279[/RecNum][record][rec-number]279[/rec-number][foreign-keys][key app="EN" db-id="a2rss22wrtadatexpsbp2xv395ptes5t5dv2"]279[/key][/foreign-keys][ref-type name="Book"]6[/ref-type][contributors][authors][author]Garfield, E.[/author][/authors][/contributors][titles][title]Citation indexing-its theory and application in science, technology, and humanities[/title][/titles][dates][year]1979[/year][/dates][publisher]Wiley New York[/publisher][urls][related-urls][url]http://www.garfield.library.upenn.edu/cifwd.html[/url][/related-urls][/urls][/record][/Cite][/EndNote]}

Meestal kunje met Alt+F9 de veldcodes laten zien of weer laten verdwijnen.
Als de veldcodes in hun volle glorie zichtbaar blijven dan is er een standaardinstelling gewijzigd. In dat geval moet je de standaarden aanpassen.
Doe dat in Word 2003 door TOOLS – OPTIONS – VIEW en verwijder het vinkje voor FIELD CODES.
In Word 2007 doe je hetzelfde via de route - WORD OPTIONS – ADVANCED – scrol naar SHOW DOCUMENT CONTENT - en verwijder het vinkje bij SHOW FIELDCODES IN STEAD OF THEIR VALUES.
Daarna kun je weer normaal opstarten in Word.
Ik kom deze vraag zo vaak tegen, dat ik het nu maar eens volledig uitgeschreven heb.